Uit Profetische Stemmen nummer 77 van september 2003
Louise Starr Tomkiel, V.S., 14 juli 2003
Vader God: « Miyako, vertel Mijn volk: Binnen een paar uur (in Zijn tijd) zal een aardschok een groot deel van de Westkust van de VS doen schudden en met de grond gelijk maken. De schok zal niet kunen worden genoteerd op de schaal van Richter. Vulkanen over de ganse aarde zullen tot uitbarsting komen en daarbij alles op hun weg verbranden en verwoesten. Stormwinden, te krachtig om nog te meten, zullen door de steden blazen, en daarbij ganse gebouwen opheffen, ja, zelfs vliegtuigen zullen in het rond dwarrelen en neer worden geworpen. Wervelstormen zullen met hun wervels alles ontwortelen en grillige paden in het land beschrijven. Zware stormen zullen bomen optillen en zelfs hoge gebouwen. »
« De rivieren zullen zwellen als de zware stortregens zullen neerkomen, stortregens, die niet worden gemeten in meerdere cm's per uur, maar in vele tientallen cm's tot meer dan een halve meter per uur, en als gevolg zullen uitgestrekte gebieden overstromen. Op vele plaatsen zal sneeuw vallen, en reusachtige sneeuwlawines zullen grote gebieden met sneeuw bedekken. De oceanen zullen omhoog komen. Droog land en rivieren zullen weldra van plaats verwisselen. »
« Algehele en totale verwoesting is komende ! Mijn rechtvaardige toorn en Mijn wraak zullen voor iedereen en voor al het leven te voelen en te zien zijn. Indien uw ziel, en uw hart, en uw leven daar niet op zijn voorbereid, en indien bij u niet alles in orde is ... pas dan maar op ! Alle rechtvaardigheid komt van Mij, Ik ben de rechtvaardigheid zelve, en Mijn rechtvaardigheid staat op het punt toe te slaan. »
« Wanneer die dagen zullen zijn aangevangen, zult gij terug verlangen naar de dagen waarin Ik u heb gewaarschuwd. Gij zult wensen te hebben geluisterd en de woorden van de hemel te hebben gehoorzaamd. Maar, dan zal het te laat zijn ! »
Louise Starr Tomkiel, VSA, 12 juli 2003
1. Jezus: « Al in de oude tijden, tot en met de dagen, dat Ik op aarde wandelde, ja, en tot en met de openbaringen van heden, heb Ik u steeds gewaarschuwd voor de gebeurtenissen, welke in deze tijd, in uw dagen, zouden gebeuren. Ik deel u mede hoe gij u moet voorbereiden, en wat gij moet doen. Ik waarschuw u nu voor het kwaad, dat de Kerk zal binnentreden en de wereld zal overspoelen. Ik leg u alles uit betreffende ziekten, chemicaliën, vergiften, insecten, en de effecten, die zullen optreden in de lucht, bij het voedsel, op het land, en in het water, en de schadelijke invloed, die dat alles zal hebben op uw gezondheid en de gezondheid van alle schepselen en geheel de natuur. »
2. « Ik vertel u over stormen, overstromingen, hevige winden, droogte, aardschokken en vulkanische uitbarstingen, plus vloedgolven, bliksems, en zware regenbuien. Ik waarschuw u er voor, dat dit alles, en nog veel meer, zal geschieden als gevolg van uw zonden. Toch blijft gij doof voor uw God, die u bemint. Ik spreek over oorlogsgeruchten en over oorlogen. Kardinalen en bisschoppen zullen het niet met elkaar eens zijn en onderling ruzie maken. Ouders en kinderen zullen tegen elkander opstaan. »
3. « Ofschoon dit alles al volop aan de gang is, en een schisma (kerkscheuring) in feite reeds stevig is gegrondvest in Mijn Kerk, tegelijkertijd met apostasie (geloofsafval), en nu heresie (ketterij), ja, waarlijk, wordt aanvaard en [in de kerken] wordt onderricht, nu gaat gij gewoon door met te leven vol trots en vol haat, met een opgeblazen zelf-bewustzijn en vol egoïsme. De goede zeden en de morele normen worden in de kerken, en op straat, en in de woningen, niet meer aangehouden, om maar niet te spreken van de televisie en de stranden. »
4. « Gij beschouwt overspelige en ontuchtige sex gewoon als een pleziertje, en bovendien vernietigt en doodt gij dan ook nog het leven, dat gijzelf hebt voortgebracht. Gij spot met de ware liefde. Gij hebt voor geen enkel leven nog enig respect, en velen van u geloven niet in het bestaan van een onsterfelijke ziel. Het overgrote deel van de mensen houdt zich niet aan de Tien Geboden, omdat men niet in God gelooft. Gij leeft slechts voor uzelf en voor uw zelfgewilde genoegens. Gij zoekt niet Gods wil voor u te kennen. »
5. « Naarmate de [resterende] tijd steeds korter wordt, en de [natuurkundige] tijd steeds sneller verstrijkt, maakt gij voor uzelf een steeds grotere brandstapel en een steeds dikker bed van slijk [in de hel] gereed, waarop gij dan de eeuwigheid kunt doorbrengen. Gij zult van Mij noch liefde, noch erbarmen ondervinden, indien gij deze laatste uren van Mijn Goddelijke Barmhartigheid verspilt. Indien gij sterft in uw tegenwoordige staat van zonde, en Mij afwijst, dan zult gij worden opgeslorpt door de diepten van de hel. »
6. « Neemt dit alles niet licht op, want Mijn woorden zijn waar ! Aanvaardt Mijn waarschuwingen en reageert er op ! Er is nog maar heel weinig tijd overgebleven vóórdat Gods rechtvaardigheid en Gods straffen de aarde, en elk menselijk wezen, dat er verblijft, zullen treffen. Slaat acht op Mijn worden, beste kleinen, nu er nog wat tijd is ! Handelt, en maakt u gereed vóórdat de tijd geheel verstreken is. »