OVER DE ZELFVERNIETIGING VAN DE KATHOLIEKE KERK

Datum: 
Don, 2010-08-26

OVER DE ZELFVERNIETIGING VAN DE KATHOLIEKE KERK

1. ART10082805 - Bewerking van een artikel van Sandro Magister.
De Italiaanse theoloog Romano Amerio is in traditioneel katholieke middens een van de bekendste auteurs over de kerkelijke crisis. Amerio stierf in 1997, toen 92 jaar oud, en is een van de grootste christelijke intellectuelen van de twintigste eeuw. Hij was taalkundige, filosoof en theoloog, alle drie van de eerste rang. Hij werd vooral bekend door zijn eerste boek Iota Unum, gepubliceerd in 1985, met de ondertitel Een studie naar de veranderingen in de Katholieke kerk in de twintigste eeuw. Amerio werkte meer dan een halve eeuw aan dit boek.

2. Nog langer werkte hij aan een ander boek, namelijk van 1935 tot 1996, welk derde werk getiteld Zibaldone, onlangs uitkwam (in de maand juli 2010). Het is een verzameling van korte teksten, gedachten, aforismen (kernachtige gezegden), verhalen, citaten uit de klassieken, morele bespiegelingen, en commentaar op de dagelijkse gebeurtenissen. Met de meer dan 700 gedachten is Zibaldone een soort intellectuele autobiografie (levensloop van zichzelf), waarin de problemen van Iota Unum telkens ter sprake komen. Amerio schreef het volgende.

Romano Amerio, Italië, 2 mei 1995
3. « De zelfvernietiging van de Kerk door Paus Paulus VI afkeurend naar voren gebracht bij zijn beroemde toespraak, gehouden in het Lombardijse Seminarie op 11 september 1974, wordt van dag tot dag duidelijker. Zelfs al gedurende het Concilie klaagde Kardinal Heenan (primaat van Engeland en Wales) er over, dat de bisschoppen hadden opgehouden het ambt van leraar van het Magistérium (leergezag) uit te oefenen, maar hij troostte zichzelf dan maar met de gedachte, dat het leergezag volledig was bewaard gebleven in het Romeinse Pontificaat. De betreffende dicasteríe (ministerie) zou de ontwikkelingen wel in de hand houden. Die mening was vals, en is vals. Heden-ten-dage bestaat het bisschoppelijk leergezag niet meer, en dat van de Paus ook al niet. »

4. « Tegenwoordig wordt het leergezag uitgeoefend door de theologen, die immers vorm hebben gegeven aan alle gedachten en inzichten van het christelijke volk, en die de dogma’s van het geloof hebben gediskwalificeerd (ontwaard). Ik hoorde daarvan een verbazingwekkende demonstratie gisterenavond, toen ik luisterde naar de theoloog van Radio Maria. Op rustige toon en met grote stelligheid ontkende hij allerlei geloofsartikelen. Hij leerde bijvoorbeeld, dat de heidenen, aan wie het geloof niet werd verkondigd, aangenomen, dat zij de voorschriften van de natuurlijke rechtvaardigheid volgen, en dat zij ernstig pogen God te zoeken, toegelaten zullen worden tot de zalige aanschouwing van God. »

5. « Deze moderne doctrine werd al in de tijd van de oude Kerk verkondigd, maar werd door haar altijd veroordeeld als een dwaling. Echter, hoewel de oude theologen strict vasthielden aan de geloofswaarheden, beseften zij heel goed welke moeilijkheden daarmede gepaard gingen, en zij poogden die te overwinnen door diep na te denken. Moderne theologen zien echter niet de intrinsieke moeilijkheden verbonden met het dogma, en stappen direct over op de gemakkelijker wijze van lezen en uitleggen (léctio facílior), waarbij zij alle dogmatische uitspraken van het leergezag onder de mat vegen. »

6. « Bovendien beseffen zij niet, dat zij zodoende de waarde van het doopsel naar beneden halen, samen met gans de bovennatuurlijke orde, ja, met gans onze godsdienst. De afwijzing van het magistérium (leergezag) is overal wijd verspreid, ook betreffende andere geloofspunten. »

7. « De hel, de onsterfelijkheid van de ziel, de verrijzenis van het lichaam, de onveranderlijkheid van God, de historiciteit van Christus, het onwettig zijn van sodomie (tegennatuurlijke ontucht), de heiligheid en de onverbrekelijkheid van het huwelijk, de natuurwet, de voorrang van het goddelijke op het aardse, dat zijn alle geloofspunten, waarbij het zogenaamde ‘leergezag’ van de theologen het ware leergezag van de Kerk heeft opzij geschoven. Deze arrogantie (aanmatiging) van de theologen is het meest zichtbare verschijnsel van de zelfvernietiging van de Kerk. »

Een geestelijke verlamming !
8. Daar mogen wij aan toevoegen, dat het eveneens opvallend is, dat er zo weinig bisschoppen tegen die heersende valse theologische meningen ingaan. Maar, bisschoppen dragen mede het algemene Leergezag, waarom gebruiken zij dit dan niet ? Die tegenwoordige geestelijke verlamming van de bisschoppen is beslist het tweede teken van de zelfvernietiging van de kerk.

9. Amerio gebruikte vaak soortgelijke kritische analyses ten opzichte van de teksten van Vaticánum II. Zijn leerling Enrico Maria Radaelli, die zijn boeken deed uitgeven, noemt dit “het grote dilemma in het hart van het hedendaagse christendom.” Het DILEMMA (de keuze tussen twee onaangename mogelijkheden) omvat dan de vraag, OF er een vloeiende overgang (continuïteit) is tussen het Leergezag van de Kerk vóór EN ná Vaticánum II, OF dat er juist sprake is van een breuk (discontinuïteit) in het Magistérium. Zou er een dergelijke breuk bestaan, dan zou dit neerkomen op “een verlies van de waarheid”. De Kerk zelf zou dan wel eens verloren kunnen gaan.

10. Amerio ging echter NOOIT zo ver in zijn redeneringen. Hij wist, dat de Kerk NIMMER het ware geloof zou verliezen gedachtig Jezus’ beloftes: “dat de poorten der hel de Kerk nooit zouden overweldigen” en: “dat Hij bij ons zou blijven alle dagen tot aan het einde der tijden.”

11. Toch hield Amerio staande, en dat wordt door Radaelli goed uitgelegd in het slotwoord van het boek Zibaldone, dat die goddelijke bescherming slechts gold voor de Kerk van Christus, en dan slechts voor dogmatische definities van het Magistérium, die de kwalificatie EX CÁTHEDRA (letterlijk: van af de leerstoel) hebben verkregen. De bedoelde garantie van betrouwbaarheid geldt dus NIET voor de onzekere, vluchtige, kritiek oproepende, zogenaamde pastorale leringen van het Tweede Vaticaans Concilie en de latere jaren.

De oorzaak van de crisis
12. Juist dit inzicht is in de ogen van Amerio en Radaelli de OORZAAK van de crisis in de conciliaire en na-conciliaire Kerk, welke crisis de Kerk heel dicht bij de onmogelijke, maar bijna gerealiseerde, ineenstorting heeft gebracht, omdat men immers afstand wilde doen van het verplichte Magistérium, waar het dogmatische definities betreft: “ondubbelzinnig in de taal, zeker van inhoud en betekenis, hedendaags verstaanbaar in de vorm, zoals men inderdaad van de leringen van een Concilie zou verwachten.”

13. Het RESULTAAT is, volgens Amerio en Radaelli, dat de teksten van Vaticánum II vol staan met vage, dubbelzinnige, verzekeringen, die op meerdere wijze kunnen worden geinterpreteerd, sommige zelfs in direct contrast met het voorafgaande leergezag van de Kerk.

14. En zo menen zij dan, dat deze dubbelzinnige pastorale taal de weg heeft vrij gemaakt naar een Kerk, die heden “overweldigd wordt door duizenden doctrines en honderdduizenden afschuwelijke en snode gewoontes,” inbegrepen die in de kunst, de muziek en de liturgie.

Wat te doen om deze ramp tegen te gaan ?
15. De bekende thomistische theoloog, kenner van de katholieke traditie, Mgr. Brunero Gherardini heeft in zijn recente boek (2009) over het Tweede Vaticaanse Concilie op DEZELFDE tekorten gewezen als Amerio en Radaeli. En wel op grond van dezelfde soort scherpe en kritische analyses. Dit boek eindigt met een SMEEKBEDE aan de Heilige Vader, waarin Gherardini vraagt, dat de documenten van Vaticánum II opnieuw zouden worden onderzocht, teneinde eens en voor al te verhelderen “in welke zin en hoe ver de documenten van Vaticánum II al of niet in continuïteit staan met het voorafgaande Magistérium van de Kerk.”

16. Tussen haakjes, het boek van Gherardini heeft twee voorwoorden waaronder twee bekende namen staan, en wel Mgr. Albert Ranjith, aartsbisschop van Colombo en oud-secretaris van de Vaticaanse Congregatie voor de Goddelijke Eredienst, en van Mgr. Mario Olivieri, bisschop van Savona, die schrijft, dat hij het verzoek aan de Heilige Vader van ganser harte (toto corde) ondersteunt.

17. In het nawoord bij Zibaldone, het boek van Amerio, verwelkomt Radaelli het voorstel van Mgr. Gherardini, maar “slechts als een eerste hulpbiedende stap ten einde de lucht van vele, ja, te vele, begripsverwarringen en valse inzichten te zuiveren.” Naar de mening van Radaelli is het verhelderen van de betekenis van de conciliedocumenten NIET voldoende, indien dit zou geschieden met dezelfde pastorale en belerende stijl als ingevoerd bij de conciliedocumenten, een stijl die meer suggestief dan imperatief (bindend) is.

18. Radaelli schrijft, dat als de kwaal gelegen is in het VERLATEN van het autoriteitsbeginsel door het Concilie, en als het (eeuwige) DISCUSSIËREN tot de ongewenste stijl van de conciliaire en de na-conciliaire Kerk behoort, dat dan precies het TEGENOVERGESTELDE moet worden gedaan.

19. De top van de hiërarchie van de Kerk moet volgens Rafaelli een einde stellen aan de discussie door een DOGMATISCHE PROCLAMATIE “ex Cáthedra,” die ONFEILBAAR en VERPLICHT is. Zo’n uitspraak, moet allen, die NIET willen gehoorzamen, met een ANÁTHEMA (de ban) slaan, en degenen, die gehoorzamen, zegenen.

20. Nu is het opvallend, dat meer dan twintig jaar geleden de bekende Franse theoloog Abbé Georges de Nantes, die zeer ernstige kritiek op de conciliedocumenten heeft geuit, en de dwalingen, die er in staan, heeft bewezen, aan de toenmalige Paus heeft gevraagd van zijn onfeilbaar gezag gebruik te maken, en “ex Cáthedra” over de geschilpunten een BINDENDE UITSPRAAK te doen.

In die dagen was de greep van de conciliairen echter nog zo sterk, dat Abbé de Nantes in Rome geen enkele steun ontving, integendeel, de stukken van Abbé de Nantes werden door de Romeinse instanties als ‘belachelijk’ afgedaan. Abbé de Nantes heeft in de conciliedocumenten ernstige ketterijen vastgesteld en meerdere kleinere dwalingen. Nu, zo vele jaren later, komen er dan andere geleerden, die hem bijtreden, en dezelfde fouten aangeven, en dezelfde OPLOSSING voorstellen.

21. In overeenstemming met de veel oudere geschriften van Abbé de Nantes stelt Radaelli voor om tenminste de volgende DRIE PUNTEN, waarbij “een afgrond-diepe breuk in de continuïteit werd vastgesteld” deel te laten uitmaken van zulk een bedoelde, bindende, pauselijke uitspraak:

A. Het Concilie bevestigt, dat de Kerk van Christus ‘subsists in’ (bestaat in) de Katholieke Kerk, in plaats van het traditionele woord ‘is’ de Katholieke Kerk.

B. “Christenen aanbidden dezelfde God, die ook wordt aanbeden door Joden en Moslims,” wat een totaal valse uitspraak is traditioneel gezien.

C. De vele fouten in de verklaring over de godsdienstvrijheid Dignitátis Humánae moeten worden uitgeklaard.

Wat doet de Paus met dit probleem ?
22. Er is GEEN ENKELE KANS, dat Paus Benedictus XVI zal doen wat het koppel Amerio-Radaelli en Gherardini - in navolging van Abbé de Nantes - hem vraagt te doen ! Een dogmatische bindende uitspraak is van hem NIET te verwachten, omdat hij het met hun standpunten in het geheel niet eens is.

23. In 2007 gaf de Congregatie van het Geloof een verklaring uit over het probleem van het wezen van de Kerk, en de uitdrukkingen ‘bestaat in’ en ‘is,’ en bevestigde, dat het Concilie NIET de bedoeling heeft gehad de voorafgaande doctrine over de Kerk te wijzigen. Het Concilie zou dit geloofspunt hebben willen ontwikkelen, willen verdiepen, en meer volledig willen uitleggen.

24. Wat betreft de tekst van Dignitátis Humánae heeft Paus Benedictus XVI verklaard, dat als deze afwijkt van de vroegere definitieve teksten van het Magistérium, die tekst moet worden gezien als een “herbronning, een opgraving, van het allerdiepste erfdeel van de Kerk.”

25. In zijn toespraak tot de Vaticaanse Curie op de eerste Kerstmis van zijn pontificaat (22 december 2005), verdedigde de Paus de orthodoxie (rechtgelovigheid) van dit conciliedocument, en hij hield staande, dat er GEEN breuk was tussen Vaticánum II en het oudere Magistérium van de Kerk, en dat er sprake was van een “reform in continuity”, dat is “een doorlopende en vloeiende verandering.”

26. Paus Ratzinger heeft echter de leden van de Sint-Petrus-Broederschap, ook wel Lefebvristen genaamd, speciaal op dit punt, daar nog NIET van kunnen overtuigen. EVENMIN is het hem gelukt zijn eigen kinderen “die absoluut trouw zijn aan Christus” te overtuigen, dat schrijven Radaelli en Gherardini tenminste.

Wat gebeurt er na Paus Benedictus XVI ?
27. Wat kan degene, die bekend is met de profetieën nog verwachten ? Een degelijke, en bindende, uitklaring van de verschillen tussen de conciliedocumenten en de oudere leringen van het Magistérium, is NIET voor morgen. Mogelijk zal Paus Benedictus XVI nog het nieuwe DOGMA van Onze Lieve Vrouw afkondigen, als het hem mogelijk is, en daar zal het wel bij blijven, zijn regering loopt immers al ten einde.

28. De na hem komende ‘Paus’ is de Anti-Paus, en die zal de verwarring slechts vergroten. Van hem hoeven wij NIETS POSITIEFS te verwachten. De Anti-Paus zal immers allerlei zaken, die Jezus heeft verboden, en die het ware Magistérium gedurende vele euwen altijd heeft afgewezen, goedkeuren.

29. Dat zal leiden tot het Grote Schisma, dat al eeuwen lang werd voorspeld. Dit betekent, dat de zichtbare Kerk in tweeën zal splijten. Een groot deel, het overgrote deel, zal de nieuwe ‘Paus’, de Anti-Paus, volgen, het geloof totaal verliezen, en NIET meer de ware Kerk van Christus zijn.

30. Een uiterst klein deel, bestaande uit allerlei groepen verdeeld over de ganse aarde, zal trouw blijven aan het oude geloof en zal de REST-KERK vormen. Enige tijd zal er GEEN ware Paus zijn. Dan zal er op wonderbare wijze een NIEUWE WARE PAUS worden gekozen, Petrus II. Aan hem komt het toe om de eerder al genoemde, en vele andere, betwiste geloofspunten van het Tweede Vaticaanse Concilie onfeilbaar te definiëren. Waarvan acte.