Uit Profetische Stemmen nummer 9 van november 1996
* In het Katholiek Nieuwsblad nummer 14 van 5 januari 1996 staat op bladzijde 24 onder de bovenstaande kop een klein artikel met een foto erbij van een gezette en goedlachse heer in burgerpak, welke pastoor Simon Lambrichts blijkt te zijn. Deze priester van de Heilige Roomse Kerk is een van de stichters van het recent geopende Abrahamhuis te Genk. Dat huis wil op brede wijze een ondersteuning geven aan Abrahamistische initiatieven, dat zijn:
« initiatieven, die de dialoog en de vrede bevorderen om tot multiculturele, interkerkelijke en multi-godsdienstige samenlevingsmodellen te komen vanuit een actief beleefde eigen godsdienstigheid. »
* Zie zo, dat was een moderne mondvol. Maar, wat betekent dit nu eigenlijk allemaal ? Wel, de samenleving moet multicultureel zijn (dus christenen, joden en moslims, hindoes, boedhisten, enz. moeten allemaal hun eigen godsdienstige cultuur in gelijkwaardigheid kunnen beleven), de samenleving moet interkerkelijk zijn (dus alle kerken en godsdienstige gemeenschappen zijn gelijkwaardig en hebben gelijke rechten, niet één is beter of slechten dan de andere, noch is er een meer of minder waar), de samenleving moet multigodsdienstig zijn (dus hoe meer verscheidenheid van godsdienst des te beter, want zij zijn allemaal even goede wegen naar ... ja, waarheen eigenlijk ?).
* En al het multi-dit en multi-dat moet komen vanuit de actief beleefde eigen godsdienstigheid, hetgeen natuurlijk een fictie is, dat is: volkomen onmogelijk is. Want, als men (als katholiek, of moslim, of jood, of wat ook) de eigen godsdienst werkelijk ernstig neemt, dan zal men leven volgens die godsdienst en de andere godsdiensten afwijzen. Wat bijvoorbeeld moslims altijd doen, en ware christenen trouwens ook.
Bovendien gaat dit alles volkomen voorbij aan wat de waarheid is. En het gaat volkomen voorbij aan het feit, dat er een God-Schepper is, die de mens heeft geschapen, die daarom rechten heeft, die bovendien Zijn Wil en Zijn Wensen aan ons heeft laten weten - door de Openbaring - die heeft laten weten hoe Hij het allemaal wil hebben in het leven van de mensen.
* Echter pastoor Lambrichts zegt:
« Godsdienst is een hefboom om aan de maatschappij te werken. Als de godsdiensten niet meewerken, kan er geen echte verdraagzaamheid komen, geen vrede in de maatschappij en geen integratie. ... Met ons Abrahamhuis willen wij elkaar ontmoeten door samen iets te doen en iets van elkaar te leren. ...
Wij beschikken immers over tal van overeenkomsten: we hebben een gemeenschappelijk begin bij Abraham. De joden noemen hem de vader van het volk, de christenen noemen hem vader van het geloof, en de islamieten zien hem als de eerste moslim.
Wij willen samenwerken voor de rechtvaardigheid, de godsdiensten zijn monotheïstisch en wij zijn allen mensen van het Boek. ... »
* Allereerst: Deze pastoor reduceert godsdienst tot iets 'om aan de maatschappij te werken'. Dat is in feite je reinste marxisme: godsdienst terugbrengen tot maatschappijverbetering, waarbij het overigens niet duidelijk is, wat onder die verbetering wel moet worden verstaan. Maar voor de ware katholiek - ja, óók voor de oprechte protestant en moslim - is de AANBIDDING het belangrijkste, de AANBIDDING van onze God-Schepper, welke practisch vele vormen zal aannemen. Dat is immers ook het eerste van de Tien Geboden, die voor alle mensen van alle tijden gelden.
* Binnen de christenheid is vrij plotseling een stroming opgekomen, welke het christendom, het jodendom en de islam als drie verwante godsdiensten wil zien. Men noemt dit de drie mono-theïstische godsdiensten, dat zijn de godsdiensten, die één God erkennen. En men noemt dit de abrahamitische godsdiensten, omdat de aartsvader Abraham in alle drie een belangrijke plaats heeft.
Zó stelt men het dan voor, en zó is het vals. Want de islam en de joden kennen slechts de ene en ongedeelde God. De christenen kennen de ene, drievuldige God: Vader, Zoon en Heilige Geest.
* Jezus Christus wordt door islamieten slechts als een puur menselijke profeet gezien, en zij gruwen van de gedachte dat de Zoon Gods mens is geworden. 'Allah is groot' betekent voor hen, dat de nederdaling van God tot menselijk peil, de Incarnátio, de Menswording dus, van de Zoon Gods, onmogelijk is. Dat de Zoon Gods volgens de Wil van de Vader is mens geworden door de Heilige Geest uit de Maagd Maria, is voor islamieten iets ondenkbaars, ja iets gruwelijks.
* De (orthodoxe) joden wijzen Jezus absoluut af. Zij willen Jezus in het geheel niet kennen en al helemaal niet als profeet. Dat hun eigen Heilige Boeken (waaronder ons Oude Testament) de Messias aankondigen en dat de feiten van zijn geboorte, zijn leven en zijn handelen duidelijk te bewijzen zijn uit de Schriften en uit de historische feiten, dat erken nen zij absoluut niet. Wat wij het Nieuwe Testament noemen, bestaat gewoon niet voor de orthodoxe Jood.
De Koran bevat een aantal teksten afkomstig uit de Bijbel, maar meer teksten uit andere bronnen. Die bijbelse teksten worden gewoonlijk in een gans ander verband gebruikt dan in de Heilige Schrift. Het is zeker niet zó, dat het getrouwe aanhalingen zouden zijn, wáár naar betekenis en verband. Het is daarom ook geheel vals te zeggen dat 'joden, mos-lims en christenen mensen van het Boek [de Bijbel] zijn'.
* Zó óók stelt men Abraham als gemeenschappelijk begin van die drie zg. abrahamitische godsdiensten voor. En zó is het wederom vals. Want Abraham leefde zo'n 1.900 jaar vóór Christus en de islam ontstond zo'n 650 jaar nà Christus. Godsdienst-historisch gezien is de leer van de islam een samenraapsel uit het jodendom, christendom en heidendom, met nog wat eigen verzinsels van Mohammed. De plaats van Abraham in de islam is gewoon een opgeëiste plaats, in feite overgenomen van een van de andere genoemde godsdiensten.
* Voor de joden is Abraham vooral de biologische stamvader van het joodse volk, de man met wie God een Verbond sloot en aan wie Hij een talrijk nageslacht heeft beloofd. Voor de christenen is Abraham vooral de vader in het geloof; Abraham schonk geloof aan Gods woorden, was getrouw aan het Verbond en bleef altijd vast in het geloof.
* Als iets echter de joden kenmerkte, en nog kenmerkt, is het wel het gebrek aan geloof in Jezus als de voorzegde Messias. Immers Jezus verving het Oude Verbond, dat God met Abraham sloot, door het Nieuwe Verbond in Zijn Bloed, wat de joden als volk nooit hebben aanvaard. Zij zullen dit pas doen, nà de Grote Waarschuwing, zo zijn de hemelse voorspellingen, die daarin de Heilige Schrift en de Traditie steunen. De islamieten èn de joden zullen Jezus pas aanvaarden, zoals Hij is, nà de Grote Waarschuwing.
* Men bedenke vooral, dat deze stroming om de drie betreffende godsdiensten onder de beide noemers van mono-theïstisch en van abrahamitisch bijeen te schuiven een uitvinding is van vooral (on)christelijke theologen. Want de islam zal zich altijd als superieur blijven zien en zal nimmer de andere twee godsdiensten als gelijkwaardig beschouwen. Hun 'heilige boek', de Koran, heeft voor de moslims het laatste en absolute gezag, ver uitgaand boven het gezag van elk ander boek. Er zal een ontzaglijke kosmische ramp als de Grote Waarschuwing voor nodig zijn, om het islamitisch geloof te vernietigen. En de orthodoxe joden wijzen zowel het christendom af (meer op godsdienstige gronden), als de islam (meer op volkenkundige gronden). Een rol speelt zeker ook, dat Abraham zo'n 2300 jaar vóór Mohammed leefde.
* De idee achter 'mono-theïstische en abrahamitisch' is vooral bedoeld om iedereen een soort godsdienstige oergedachte aan te praten als voorloper van de komende ene (satanische) wereldgodsdienst. Merk ook op, dat de waarheid geen rol speelt in deze theorie. Voor de echte katholiek is het dan ook allemaal bedrog en vervalsing omdat de echte katholiek voor alles de (absolute) waarheid zoekt.
* In de Paasbrief van Mgr. M. Muskens, bisschop van Breda, gedateerd 8 februari 1996, een brief die eigenlijk een Vastenbrief is, komt een hoofdstukje voor, getiteld: "De Ramadan en onze Veertigdagentijd". De aanleiding daartoe schijnt te zijn, dat in 1996 de Ramadan, de islamitische vasten, grotendeels viel vlak vóór de christelijke Vasten. Want, de sluiting van de Ramadan viel samen met Aswoensdag (21 februari).
* De hele toonzetting en de tekst van bedoeld hoofdstukje over de Ramadan zijn zódanig, dat het wel lijkt of er gelijkheid bestaat in godsdienstig opzicht tussen Ramadan en christelijke Vasten, dat betekent tussen de opvattingen (over het vasten) van de katholieke en de islamitische godsdienst. Men krijgt de indruk, dat de weg van de Ramadan even goed is als de weg van de katholieke Vasten. Vooral als men vergelijkt, wat er gezegd wordt in de brief over de beide vastenperiodes.
* Men krijgt bovendien de indruk, dat de godsdienst van de islamieten even goed zou zijn als die van de katholieke christenen en dat er twee gelijkaardige en gelijkwaardige wegen van heil zijn.
Wij vinden de opname van dit stukje in het geheel niet passen in de Vasten- of Paasbrief gericht tot de Rooms-Katholieken van het bisdom Breda, ja, wij vinden dit niet slechts hoogst onbehoorlijk, wij veraf-schuwen de onoprechtheid van deze voorstelling van zaken.
* De bisschop begint met te zeggen dat velen onder de katholieken op het werk of op school te maken hebben met islamieten, die juist hun Ramadan houden als zij - de katholieke gelovigen - deze Paasbrief van de bisschop ontvangen. Dan legt hij uit, wat de Ramadan inhoudt:
« ... Gedurende 28 dagen moeten de islamieten zich elke dag onthouden van spijs en drank vanaf het moment in de ochtend, dat men een witte draad van een zwarte draad kan onderscheiden, tot aan zonsondergang. ... Van de morgen tot de avond moet eigenlijk het sociale leven stilstaan. Het is verboden na een vastendag in de nacht gulzig te eten of te drinken, want vasten moet aan zijn eigenlijke doel beantwoorden: de hartstocht bedwingen, de ziel nader tot God brengen en de verhoudingen onder elkaar verbeteren. Deze bedoeling van hun vasten komt goed overeen met die van ons vasten. ... » Einde citaat.
* De brief van de bisschop bevat de onuitgesproken suggestie, dat de katholieke en de islamitische godsdienst gelijkwaardig zouden zijn. Dat beide even waar zouden zijn, en daarom beide even waardevol in hun belevingen, zoals het vasten. De bisschop verzwijgt geheel, dat de katholieke godsdienst de enige ware godsdienst is, en, omdat ze waar is, zijn óók de katholieke traditionele gebruiken, zoals het vasten, welgevallig in Gods ogen.
* De bisschop zegt niet, dat de islam een afschuwelijke ketterij is, een ketterij, waarvan de geloofsregels en de vele gebruiken altijd al door de Kerk zijn veroordeeld. Geen enkele ketterij is welgevallig in Gods ogen. Als het vasten van de individuele islamiet welgevallig is in Gods ogen, dan is dit zó, omdat hij als individu, als aparte mens, een goed mens is, wat betekent, dat hij volgens christelijke principes leeft en handelt, ook al weet hij dat wellicht zelf niet. Het islamitisch vasten is niet aan God welgevallig, omdát het in het kader van die godsdienst plaats heeft - want die godsdienst is vals en God haat de onwaarheid - maar omdat het islamitische vasten van het individu welgevallig is aan God, als het op christelijke wijze gebeurt. Want, God waardeert de enkele mens, die goed handelt. Over dit zeer belangrijke verschil zegt de bisschop helemaal niets.
* De geschiedkundige feiten zijn, dat de islamitische geloofsregels en gebruiken in de 7e eeuw zijn ontstaan als een samenraapsel uit de ge-loofsregels en gebruiken van: 1. Het toenmalige, al eeuwenlang bestaande, christendom, 2. Het toenmalige, reeds verworden, jodendom (dat immers al vele eeuwen tevoren Jezus Christus had afgewezen), 3. Een oude vruchtbaarheidscultus rond zon en maan (vandaar het symbool van de halve maan, de groene kleur van verse groeisels, de polygamie, die veel nakomelingen geeft, en de kaäba of kaba, een kubusvormig heiligdom, dat een zg. heilige steen bevat, die door islamitische pelgrims wordt gekust) 4. De eigen verzinsels van de 'profeet' Mohammed, welk geheel door Mohammed en zijn aanhangers werd beschouwd als 'ge-openbaard' door de 'engel Gabriël' en werd neergelegd in het zg. 'heilige boek' de Koran.
* De bekende Engelse katholieke schrijver Hilaire Belloc, beschrijft in zijn prachtige boek The Great Heresies, dat is: De Grote Ketterijen, wat hèt kenmerk is van alle grote ketterijen, die zijn ontstaan nà de stichting van de katholieke Kerk en die min of meer uit de katholieke leer zijn voortgekomen. Het Leitmotif, het grondbeginsel, is, dat al deze ketterijen één of een beperkt aantal katholieke dogma's (geloofswaarheden) nemen en deze overdreven gaan benadrukken ten opzichte van het evenwichtige geheel van alle katholieke dogma's tesamen. Men slaat door in één, of in enkele, samengaande geloofspunten. Van het harmonische en evenwichtige gebouw van de katholieke dogmatiek (geloofsleer) en de katholieke gebruiken, neemt de ketter enkele stenen, beschouwt slechts die als van belang en verwaarloost de andere.
* Zodoende wordt het evenwichtige gebouw van de ware leer en de tradities en gewoonten geheel uit zijn verband getrokken en worden sommige elementen overbenadrukt en andere onderbelicht. Evenwicht en gematigheid, die beiden de ware katholieke leer kenmerken - in alle opzichten - gaan zó verloren. Dat is met alle ketterijen, ontstaan uit het echte en ware christendom, het geval, met de islam, met de protes-tanten, met het liberalisme, met het marxisme, ja, werkelijk met alle. Dàt is óók met de 'profeet' Mohammed het geval. Hilaire Belloc beschrijft dit op magistrale wijze. De praktijken van de Ramadan tonen dit overdrevene, dit onmatige, ook duidelijk aan.
* Want, het is zwaar overdreven zich van zonsopgang tot zonsondergang van alle spijs en drank te onthouden. Dat duidt op geestelijke onmatigheid. Het traditionele katholieke Vasten (voor volwassen en gezonde mensen) kent één volle maaltijd per dag, en twee, zeg halve of minder, maaltijden per dag, en daarenboven het zich onthouden van vlees en van genotmiddelen (zoals roken en snoepen) en soms van de huwelijksgemeenschap.
* Het is eveneens zwaar overdreven, dat bij de moslim het sociale leven van de morgen tot de avond zou moeten stil vallen. Dat betekent 28 dagen niets sociaals, niets gezelligs doen. Het woordje 'eigenlijk' in 's-bisschops tekst duidt er al op, dat dit in de praktijk niet gebeurt. Wederom, het is allemaal zwaar overdreven. De katholieke Vasten kent van oudsher het niet uitgaan, zoals het zich onthouden van bijvoorbeeld bioscoopbezoek, van t.v.-kijken naar zg. ontspanningsprogramma's, van het niet houden van verjaardags- en naamdagvisites met (te) veel drank, e.d., maar het gewone sociale leven werd nooit gehinderd.
* Dat de moslimpraktijk gewoonlijk inhoudt, dat men na zonsondergang flink eet en drinkt (om het woord schransen niet te gebruiken), om in te halen wat men overdag tekort kwam - ook al is dat dan verboden - is aan iedere Westerling bekend. Dat komt weer door de overdreven eisen van de Ramadan. De gematigde, traditionele, katholieke Vasten is door iedere volwassen en gezonde gelovige 6 weken lang vol te houden. De overtrokken Ramadan-eisen zijn voor de gewone man - die 7 à 8 uur per dag lichamelijk moet werken voor de kost - gedurende 28 dagen veel te zwaar.
* Het doel van de Ramadan is inderdaad wel ongeveer hetzelfde als die van de katholieke Vasten voor zover het betreft de drie punten, die de bisschop noemt in zijn tekst, te weten: « ... de hartstocht bedwingen, de ziel nader tot God brengen en de verhoudingen onder elkaar verbeteren. ... » Maar als hij schrijft: « Deze bedoeling van hun vasten komt goed overeen met die van ons vasten. », dan vergeet hij toch een zeer wezenlijk element van al het christelijk Vasten, nl. het doen van boete, dat is het brengen van offers om zonden uit te boeten, waardoor van een waarlijk 'goede overeenkomst' tussen Vasten en Ramadan nauwelijks sprake is.
* Wij zouden zo graag hebben gezien, dat de bisschop meer in detail en veel duidelijker uit had gelegd, in zijn voor christenen bestemde vastenbrief, wat het christelijke vasten, en dus de katholieke Vasten, nu eigenlijk precies inhoudt. Hij schrijft: « Ook al behoort het vasten op zich niet tot het wezen van het christendom, het heeft wel zeer oude papieren. Vasten is vrijwel zo oud als de mensheid. »
* Dit is onjuist, want het vasten (als boete), al of niet tijdens de Vasten, behoort wel degelijk tot het wezen van het katholieke geloof. In het Oude en in het Nieuwe Testament is zeer vaak sprake van vasten, vaak samengaande met gebed en met boete. Deze drie: gebed, boete en vasten, zijn eigenlijk onafscheidelijk. Jezus vast zelf herhaaldelijk. We mogen gerust zeggen dat dit trio - gebed, boete en vasten - tot de geopenbaarde waarheid behoort. Heiligen schrijven het, en latere hemelse boodschappen zeggen het ook, namelijk, dat bepaalde bekoringen slechts door vasten en gebed kunnen worden overwonnen.
* In het Oude Testament draagt het vasten gewoonlijk het karakter van zelfvernedering. En het heeft als zodanig de bedoeling aan het gebed kracht bij te zetten. De mozaísche wet kende maar één vastendag, maar later zijn er nog vier aan de joodse wet toe gevoegd. Daarnaast kon men uit eigen beweging vasten. De profeten protesteerden tegen de overdreven waardering en praktijk van het vasten. Dit is dus geopenbaarde waarheid. De islamiet kent diezelfde overdrijving en overwaardering welke door de joodse profeten werd afgekeurd.
* In het Nieuwe Testament werd door de farizeeërs en hun aanhang ijverig gevast - tweemaal in de week, op maandag en donderdag, en zij hechtten daaraan zoveel waarde, dat Jezus daartegen optrad. Hij verdedigde zijn leerlingen tegen de overdreven opvattingen van de farizeeën, maar stelde hun tevens in het vooruitzicht, dat zij zouden moeten vasten, na zijn heengaan naar de Vader. Christus veroordeelde het vasten, dat voortkomt uit ascetische (zichzelf allerlei ontzeggende) prestatiezucht - waar het islamitisch vasten tijdens de Ramadan veel op lijkt. Jezus veroordeelde ook het vasten uit eerzucht. Oók het vasten om het vasten, waarbij het vasten wordt gesteld boven de goede innerlijke gesteldheid, werd door Jezus veroordeeld - de Ramadan kent dit gevaar eveneens. Tenslotte wordt in de Schrift nog veroordeeld het vasten, dat samengaat met allerlei ongerechtigheid (men denke aan heidense afgodspriesters) en het vasten, dat voortkomt uit verachting van het stoffelijke in de Schepping (een ketterij van de manicheeën). Ook dit alles is geopenbaarde waarheid.
* In de oudste christengemeenten heeft men het vasten dan ook in beginsel overgenomen. In beginsel betekent hier, dat men het vasten op gematigde wijze deed, de overdrijvingen van de farizeeën, het vasten uit prestatiezucht, het vasten met de verkeerde innerlijke gesteldheid, dat alles, vermeed, geheel volgens Jezus vermaningen en Zijn voorbeeld. Zo leest men bijvoorbeeld in de Handelingen van de Apostelen, dat er gevast werd vóór de keuze van kerkelijke overheden. In de liturgie bestond van oudsher het gebruik te vasten op de dag vóór een grote kerkelijke feestdag.
* Maar de bisschop van Breda doet het in zijn brief voorkomen alsof vasten een trek is, die tot de universele menselijke cultuur behoort en alleen dáárdoor wordt bepaald, en hij suggereert, dat de christenen het vasten daarvan en daarom hebben overgenomen, omdat ze zich gewoon bij de heersende cultuur zouden hebben aangepast. Dit is vals en het doet in het geheel geen recht aan Jezus' woorden, noch aan Zijn voorbeeld zoals de Schrift dit vermeldt.
* Al mag het waar zijn, dat vasten bij andere godsdiensten en culturen al heel lang voorkomt - soms in overdreven vormen, soms gekoppeld aan allerlei ongerechtigheden - vasten krijgt in de christelijke leer een gans andere dimensie, dan die oude culturen kennen, het krijgt gans nieuwe trekken, die er door Jezus zelf aan zijn gehecht, nl. die van versterving, die van voorbereiding, die van smeking, die van verzoening, die van uitboeting. Niets daarvan is echter te lezen in 's-bisschops verhaal, op eenmaal het woordje 'boetvaardigheid' na, en eenmaal het woordje 'ons bekeren', welke woorden ergens in zijn tekst er toevallig tussen zijn geraakt, zo lijkt het wel.
* « Voor joden en islamieten heeft vasten een betekenis vergelijkbaar met die van het vasten onder christenen. » zo schrijft de bisschop. Voor islamieten is dit alvast niet waar, zoals we zagen, en voor joden is de waarheid van deze uitspraak twijfelachtig. Want de tegenwoordige orthodoxe jood houdt zich grotendeels aan de voor-christelijke opvatting van het Oude Testament en erkent niet de uitbreiding en verdieping, noch de beperkingen, die door Jezus zelf aan het vasten zijn gegeven. En de tegenwoordige geseculariseerde (verwereldlijkte) jood - de meerderheid van alle joden uitmakend - vast helemaal niet en interesseert het weinig.
* De bisschop van Breda schrijft nog enige zeer ergerlijke zaken. Zo: « Volgens de koran 19,26 zou Maria vóór de geboorte van Jezus gevast hebben. » Moeten wij, katholieken, uit de Koran iets leren over de Heilige Maagd Maria, Moeder Gods, Moeder van de Kerk en Onze Lieve Moeder, en moeten wij die tekst uit de Koran lezen in een Vastenbrief van een bisschop van de Heilige Roomse Kerk ? Alsof wij niet zelf onze waarlijk Heilige Boeken en de eerbiedwaardige geschriften van de Kerkvaders hebben en iets nieuws over Onze Lieve Vrouw zouden moeten leren uit dat duivelsboek, de Koran ? Het is gewoon en ronduit schandalig ! De bisschop had beter gedaan met naar de werken van Maria Valtorta te verwijzen.
* De bisschop schrijft nog: « Er zijn veel passages in de koran die bijna letterlijk of minstens naar de geest in de bijbel zijn te vinden. » Halve waarheid en vervalsing. Want, dat er in de Koran naar letter en geest bijbelse teksten staan, komt omdat Mohammed zijn leer gedeeltelijk aan het christendom, en vele teksten van de Koran aan de Heilige Schrift, heeft ontleend, zoals wij boven zagen. Maar daarom is zijn Koran nog geen hoogstaand boek en daarom is de leer daarvan nog niet waar en goed, zoals de bisschop suggereert.
* Want, de bisschop verzwijgt de valsheden, de dwalingen, de oproepen tot moord en doodslag en de christenhaat, waarvan de Koran duidelijk blijkt geeft. En hij verzwijgt de onsmakelijke elementen, die afkomstig zijn uit een heidense vruchtbaarheidsritus. Over een 'heilig boek' gesproken ! Hieronder geven wij een flink aantal citaten uit de Koran om 's-bisschops geheugen op te frissen.
* De Koran mag door islamieten - die totaal in dwaling zijn waar het de godsdienstige en zedelijke waarheid van hun godsdienst betreft, wat de bisschop heel goed weet - een 'heilig boek' worden genoemd, voor ons katholieken - en voor ieder weldenkend mens - is de Koran het werk van de duivel. Natuurlijk kent de bisschop de teksten uit de Koran, die oproepen tot de 'heilige oorlog', tot 'hardheid' ten opzichte van de niet-moslims, tot 'moord en doodslag' van de 'christenhonden'. Hij heeft immers lang genoeg temidden van islamieten geleefd en hun werken bestudeerd. Gebrek aan kennis van de islam en gebrek aan ervaring met islamieten kan men hem zeker niet aanwrijven. Daarom kan onze conclusie dan ook geen andere zijn dan, dat hij - de bisschop - in zijn Vastenbrief enige positief klinkende teksten aanhaalt om ons zand in de ogen te strooien en om de waarheid te verdoezelen.
* De bisschop schrijft ook nog: « Joden, christenen en islamieten hebben allen Abraham als hun vader in het geloof. » Vervalsing. Het is gewoon beledigend voor de godvrezende en godsgetrouwe man, die Aartsvader Abraham was, om te schrijven, dat hij de 'vader' van de islamieten is. Boven zagen wij al, dat deze wijze van zeggen de zaken geheel vals voorstelt. De bisschop volgt hierin gewoon de modernistische waan van de verworden Westerse theologie van onze tijd, bedoeld om ons voor te bereiden op de ene wereldgodsdienst, de universele godsdienstige soep, waarin de waarheid er niet meer toe doet.
Wederom: Gebrek aan kennis en ervaring kan men de bisschop van Breda niet ontzeggen. Waarom schrijft hij dan deze halve waarheden en hele leugens in een officiële Paas/Vastenbrief gericht tot zijn beminde gelovigen ?
* Sedert de 7e eeuw heeft elke ware katholiek altijd de geloofspunten en de meeste praktijken van de islam - zoals verwoord en bevolen in de Koran - met afschuw beschouwd. Er is altijd strijd geweest - al die ruim 1.200 jaar lang - tussen islam en christendom, of op zijn best een gewapende vrede. De Pausen hebben altijd hun veroordeling over de islam als godsdienst en over vele praktijken daarvan uitgesproken. We spreken hier niet over individuele personen, brave islamieten, die mogelijk een God welgevallig leven leiden, maar over de islam als leer en over de officiële praktijken. Waarom verzwijgt en verdoezelt de bisschop van Breda dit alles ?
* In de Gazet van Antwerpen van 22 januari 1992 staat onder de kop
Fanatisme in het hart van de islam
een artikel van de bekende oriëntalist (kenner van het Oosten) Koen Elst. Daaruit nemen wij grote gedeelten over. Noten en cursiveringen zijn van de redactie van Profetische Stemmen. Verduidelijkende toevoegingen staan tussen [ ... ].
* Begin van de citaten:
« ... Islamkritiek is taboe, men moet de islam bewieroken. Christenen verraden hun vervolgde geloofsgenoten met gefantaseer over de "vredelievende islam". Vrijzinnigen, die graag de fouten van de Kerk hekelen, vergoelijken ze bij de islam. Cruciaal in dit collectief zelfbedrog is de moedwillige blindheid voor de onverdraagzaamheid van de Koran.
.... De enige autoriteit aangaande de inhoud van de Koran is de Koran zelf. Deze roept op tot agressie tegen de ongelovigen, bijvoorbeeld:
"Doodt de afgodendienaars waar gij hen maar vindt, neemt hen gevangen en belegert hen en bereidt hun alle soorten hinderlaag." (9:5)
"Strijdt tegen hen tot de afgodendienst niet meer bestaat en de religie alleen aan Allah behoort." (2:193 en 8:39)
"Voert oorlog tegen de ongelovigen en schijn-moslims en pakt hen hard aan. Hun woonplaats zal de hel zijn." (9:73 en 66:9)
"Ik zal terreur zaaien in het hart van de ongelovigen. Slaat hun het hoofd af, verminkt hen in alle ledematen." (8:12)
"Mohammed is Allah's apostel. Zij die hem volgen, zijn meedogenloos voor de ongelovigen, maar genadig voor elkander." (48:29)
De Koran verbiedt vriendschap met ongelovigen, bijvoorbeeld:
"Kiest niet uw vader en uw broers als vrienden als zij vreugde scheppen in het ongeloof. Wie hen als vrienden houdt is een boosdoener." (9:23)
"Kiest niet als vriend iemand van de ongelovigen." (5:57)
"Wij breken met u. Vijandschap en haat zullen tussen ons heersen tot gij gelooft in Allah alleen." (60:4)
"Gelovigen ! Maakt u geen vrienden behalve in uw eigen gemeenschap." (3:118)
"Gij zult geen heidenen trouwen, tenzij zij het geloof aannemen." (2:221)
"O gij gelovigen ! Neemt joden noch christenen als vrienden." (5:51)
"De joden en christenen en de heidenen zullen eeuwig branden in het hellevuur. Zij zijn de gemeenste[n] der wezens." (98:6)
"Strijdt tegen de ongelovigen in uw omgeving, en laat hen hardheid in u vinden." (9:123)
Geen enkele Koranschool ter wereld leert, dat deze verzen achterhaald zijn. Integendeel, de islam is naar eigen zeggen een "zoomloos kleed": trek er één vers uit en het hele theologische weefsel komt los. Daarom wordt de haat tegen buitenstaanders er nog steeds als Gods woord ingehamerd [in de Koranscholen].
De standaard-uitvlucht tegenover deze feiten luidt: 'Maar u rukt dat uit zijn contekst !' Nee, het gaat om tientallen gelijkgezinde uitspraken, samen het volledige Koran-standpunt over de ongelovigen. ...
Het paradijs is alleen voor de moslims, en de ongelovigen worden naar de hel verwezen, bijvoorbeeld:
"De ongelovigen zullen Wij braden in een vuur. Telkens wanneer hun huid gebakken is, vervangen Wij ze door een nieuwe huid. Opdat zij de bestraffing smaken. Allah is waarlijk geweldig en wijs." (4:56)
Het andere klassieke argument tegen het 'vooroordeel' dat de islam intolerant is, is het Koran-vers:
"Aan u uw religie, aan mij mijn religie." (109:6)
Dit vers betekent (blijkens de contekst) echter alleen dat islam en heidendom radikaal tegengesteld zijn en dat een compromis uitgesloten is.
De indruk dat dit vers oproept tot vreedzaam samenleven, is weerlegd door Mohammed zelf. Toen Mohammeds oom Abu Talib op zijn sterfbed lag, kwamen de leiders van Mekka naar hem [toe] met een verzoek om bemiddeling. Hun geduld met Mohammeds relschopperij was op, en zij hoopten dat hij een vredesvoorstel zou aanvaarden. Zij stelden vreedzame coëxistentie voor, letterlijk: "Aan hem zijn religie, aan ons onze religie." Mohammed weigerde dit en eiste dat zij zich tot de islam bekeerden, niets minder.
Mohammed heeft niet-moslims slechts geduld wanneer hem dit tactisch nodig leek. Zodra hij zich sterk gevoelde, zuiverde hij eerst Medina, later heel Arabië van alle heidense smetten. Twee van de drie joodse clans in Medina werden verbannen, de derde [werd] tot de laatste man uitgemoord, en zo werd de eerste moslimstaat judenfrei.
Het is niet prettig, de grimmige feiten omtrent de islam onder de neus te duwen van goedbedoelende mensen ... Er zijn inderdaad vele ver-draagzame Ali's en Fatima's die de xenofobe haatpropaganda van de Koran negeren ...
Vele brave moslims hebben een onhistorisch, geïdealiseerd beeld van Mohammed, en zijn geschokt als iemand zijn [=Mohammeds] historische loopbaan in het licht stelt, juist omdat zij zulke onverdraagzaamheid afkeuren.
Islam-kritiek is dan ook een delicaat proces ... Deze kritiek moeten de moslims zelf ontwikkelen, maar de pro-islamitische flutverhaaltjes van Europese opinieleiders maken het de vrijdenkers in de islamwereld alvast extra moeilijk. »
Tot zover de citaten uit het artikel van Koen Elst, oriëntalist.
* Duidelijker dan de echte deskundige Koen Elst kan men het niet zeggen. De afkeer, ja de haat, ten opzichte van christenen en joden, die de islamiet, vanaf dat hij kan lezen en schrijven, in de Koranschool wordt bijgebracht, behoort tot het wezen zelf van de islam en vergiftigt van jongsafaan de geesten van de mensen. Al zal de praktijk van het dagelijks leven in landen met een gemengde bevolking wel vriendelijker zijn dan de Koran beveelt, zodra de islamieten de meerderheid vormen, worden de schroeven aangedraaid en worden christenen en joden getreiterd en maatschappelijk achtergesteld, ja, verdreven en gedood. Egypte is daarvan heden het levende voorbeeld.
Helaas, helaas, slaat de kwalificatie 'flutverhaaltjes' ook op de ontboezemingen van pastoor Simon Lambrichts te Genk en op enige gedeelten van de Paas/Vastenbrief van de Hoogeerwaarde Heer Mgr. M. Muskens, bisschop van Breda.
* Het Nederlandse Weekblad Vrij Nederland ging eens praten met Imam Omar Boujirar. Het nummer van 5 october 1996 geeft dit vraaggesprek weer. Enige opvallende punten daaruit volgen. Imam Omar Boujirar preekt in de Al Kebir-moskee te Amsterdam. Elke vrijdag komen daar drieduizend gelovigen - moslims - luisteren. De gelovigen stellen dan vragen en Imam Omar antwoordt.
* Wist u al dat verjaardagen niet gevierd mogen worden ? « Het is een vreemd gebruik, dat zich bij de islam naar binnen dringt. Wat een mos-lim doet, is een week na de geboorte een groot feest vieren, een schaap slachten, en verder niet. Verjaardagen zijn een gebruik van het Wes-ten. »
* Mogen islamitische ouders naar een gemengd feest van de basisschool van hun kinderen, speciaal georganiseerd om de ouders ver-trouwd te maken met de school ? Imam Omar vindt van niet. Gemengde feesten zijn in strijd met de islam.
Gelovigen (lees: moslims) mogen ook niet naar liefdesliedjes luisteren of zelf liefdesliedjes zingen. Alleen het reciteren van de Koran mag.
* Omar is een voorstander van integratie, maar dat de moslims zich aanpassen aan de situatie in Nederland vindt hij verwerpelijk.: « Ik heb als moslim mijn eigen gewoonten en gebruiken. Ik vind, dat onze volksgebruiken en islamitische waarden en normen bewaard moeten blijven. Ook hier in Nederland. »
Hoe aanpassen en integreren te rijmen zijn met het bewaren van de eigen waarden, gebruiken en normen, DAT verklaart Omar niet ! Het is natuurlijk volkomen tegenstrijdig en onmogelijk. Of men past zich aan, of men behoudt de eigen waarden en gebruiken.
* Abdelkabir Alaoui Madaghri, de Minister van Religieuze Zaken van Marokko, verklaarde in juni in Leiden op een conferentie over de islam in de 21e eeuw: « De islam is onveranderlijk en onfeilbaar. De islam is de religie van Allah. Iedere poging tot verandering van de islam is daarom godslastering. »
Abdelkabir over de vrouwen: « Vrouwen werken samen met mannen in kantoren en op universiteiten, terwijl de islam dat uitdrukkelijk verbiedt. Mannen en vrouwen dansen en zingen in het openbaar, terwijl de islam dat verbiedt. »
* En dezelfde minister zei tot het dagblad Trouw: « Eens een Marokkaanse moslim, altijd een Marokkaanse moslim. Ook na generaties moeten Marokkanen in Nederland hun Arabisch nog kennen en hun cultuur hooghouden. Ze blijven Marokkaans onderdaan. .... Immigratie mag niet uitlopen op integratie. »
Zie, zó, nu hoort u het eens van moslims zelf. De bisschoppen van Breda en van Hasselt - beiden naïeve integratie-apostelen - wordt dan ook dringend aangeraden het gehele artikel in Vrij Nederland te lezen. Mogelijk zullen zij dan hun onbezonnen integratie-pogingen, waarbij slechts het katholieke geloof verlies lijdt, staken, en weer gaan ijveren voor herstel van het christendom. Bidden wij daarvoor.