kometen onderweg

Datum: 
Zat, 2000-06-03

De kometen zijn al onderweg

Uit Profetische Stemmen nummer 48 van october 2000

De tijd gaat steeds sneller voorbij

Kleine Aäron wordt ook Kleine Roodborst genoemd.

Kleine Aäron, Australië, 3 juni 2000

1. Onze Lieve Heer: � Mijn Vrede zij met u allen. Gij allen zijt vrienden, gij allen zijt de Mijnen, en Ik houd zeer veel van u ! Kleine Aäron, schrijf neer wat Ik u vraag. Uw tijd vergaat sneller en sneller. De wachtijd tijdens het wachten, dat gij doormaakt, gaat steeds sneller voorbij, niet langzamer. Het is zo als Ik het beveel. Gij bevindt u nu in de maand juni. O, hoe dicht zijt gij toch bij het moment, waarop Mijn Moeder aan de horizon zal verschijnen. Hoe dichtbij is al het moment van de triomf van Mijn Moeder. Kunt gij het niet al voelen ? Kunt gij dat nog niet waarnemen ? De tijd der tijden is nu ! Mijn Vader heeft aan Mijn Petrus (Paus Jan-Paul II) de meertijd, die hij vroeg, toegestaan. Dit jaar 2000 is daarom nog uw jaar, maar daarna zullen de gebeurtenissen over u heen komen, zoals dat eigenlijk al had moeten gebeuren. Gebruikt deze extra tijd daarom goed !

2. Lieve kleinen, misschien denkt gij wel, dat, omdat de tijd wat verlangzaamd is, en de gebeurtenissen zijn vertraagd, dat er niets meer gaat gebeuren, en dat gij veilig zijt. Ik sprak u heel openlijk over de tien dwaze maagden, Ik vertelde daarover in alle duidelijkheid. Denkt daaraan, luistert goed, en handelt dienovereenkomstig. �

VISIOEN

3. Kleine Roodborst: � Hij neemt Mij met zich mee. Hij heeft haast, en ik probeer Hem bij te houden zo goed als ik kan. Ik herken de plaats waar Hij heen gaat. Ik zie de bergen, zoals deze er tevoren bijlagen, toen zij een eigen koers volgden. De engelen van deze bergen komen tevoorschijn, en zij zien de Heer. De engelen knielen, en ik doe dat ook. ... De engelen beëindigen de bewaking van die bergen. Onze Lieve Heer legt Zijn hand op de bergen, en Hij duwt er tegen. Hij duwt de bergen naar de aarde toe, die nauwelijks zichtbaar is voor mijn ogen. Dan gaat Hij naar een ander gebied, nog verder weg dan de plek waar wij zo juist waren, en dit maal zijn er kometen. Ik herken deze kometen nogmaals - het zijn dezelfde als de kometen, die ik heb gezien in eerdere visioenen.

4. Een kleine rots, niet groter dan een gebalde vuist, komt voorbij. Onze Lieve Heer pakt deze rots vast. Hij laat hem los vlak voor Zijn gelaat, en blaast wat adem van Zijn lippen. De rots komt langzaam op snelheid, en krijgt dan een enorm grote snelheid. Hij treft een van de kometen van de Openbaring. Deze gaat - op zijn beurt - op weg naar de aarde, niet langer zichtbaar voor mijn ogen. Hij wacht wat met de tweede komeet. ... De komeet wordt weggeduwd door Zijn hand en wordt ook op zijn baan naar de aarde gezet. Er is alleen het schijnsel van de zon te zien. ... �

5. Jezus: � Het zijn dezelfde kometen, die gij al eerder hebt gezien. Het zijn eveneens dezelfde kometen, die de engelachtige herder van Mijn tijdperk heeft gezien. Ik ben gekomen om ze op hun baan te plaatsen, en gij zijt Mijn getuige. Mijn Vader heeft het bevolen. Het is nu de tijd. ... Zij zullen u nog niet onmiddellijk treffen, zij zullen één voor één aankomen. ... Op de gestelde tijd zullen zij arriveren. Volk van God: Bidt, bidt, bidt ! Ik bemin u allen ! Ik kan niets meer doen. Mijn Vader in de hemel kan het verraad, gepleegd ten opzichte van Zijn kinderen, niet langer aanvaarden. Mijn Vader kan niet langer Zijn hand terughouden om degenen te slaan, die Hem en Zijn volk kwaad doen. �

Gods woord moet erkend worden

Sansarta, Oostenrijk, 25 juni 2000

6. Sint Anaël en Sint Hagiël: � ... Wij komen in opdracht van God om de woorden van Zijn boodschappen over te brengen. U zegenen de Vader, en de Zoon, en de Heilige Geest ! ... De wereld, waarin gij mensen leeft, zal zich spoedig om de eigen as wentelen, en zal uit de grondvesten van haar baan worden geworpen. Gij zult dat weldra bemerken, vooral dan, als de jaargetijden, die gij kent, dermate zullen zijn veranderd, dat gij midden in de zomer een koude zult bespeuren, die overeenkomt met de winter. Elk jaargetijde zal er geheel anders uitzien, en elk daarvan zal u aantonen, dat zich gaat vervullen, wat de door God gekozen profeten 'vooruit' hebben gezegd. Het uur der waarheid zal slaan, omdat dat overeenkomt met de wil van God. Gij allen hebt u te veel gewend aan uw wereldlijke levenswijze zonder God, en nu gaat gij oogsten wat gij als zaad, dat slechts onkruid voortbrengt, hebt gezaaid. Wij zijn de Bazuinengelen nummer zeven, en wij zullen al diegenen helpen, die met en voor God, vóórdat deze ijstijd optrad, voor Hem als getuigen hebben geleefd en gewerkt. �