Heel wat priesters zullen heengaan
Marie, Filippijnen, 15 februari 2010
1. MAR10021505
Jezus: « Vertel uw droom, lieve kleine. »
Ikzelf: « In mijn droom volgde ik de Mis en het was tijd om de Communie uit te reiken. Ik stond vooraan in de rij om de Communie te ontvangen. Toen kwam er een vrouwelijke lekenhelpster, een dienares, naar voren (zij was niet gekleed als een vrouw, maar zij had wel korte haren, en zij was gekleed zoals tegenwoordig de mannelijke leken-dienaren het zijn in de Filippijnen). Zij kwam om de Hosties uit te delen, maar zij deelde ze niet uit. Wel meer dan drie keren aarzelde zij, zij leek soms vastgevroren op haar plaats. Zij verliet haar plaats nogmaals, maar ging even later toch weer terug, na enige tijd gaf zij mij de Hostie in het geheel niet. »
2. « Tenslotte werd ik ongeduldig, daar zij de Hosties toch niet wilde uitdelen, en wij al bijna een kwarteier hadden staan wachten op haar. Zij ging gewoon weg en deelde geen Hosties uit. Tenslotte was ik zo boos op haar, dat ik haar achterna ging, maar zij hield de ciborie stevig vast en wilde die niet aan mij geven. Daarom greep ik gauw een handvol Hosties - dit was een droom, want zoiets heb ik nooit gedaan, en er zijn in onze kerk geen vrouwelijke lekendienaren, die Hosties uitdelen, er zijn altijd voldoende mannelijke dienaren om dit te doen - Hoe het zij, dit was een droom, en in die droom kreeg ik één Hostie voor mijzelf te pakken, en de menigte drong op om de rest uit mijn handpalm te pakken. Maar er was een grote meigte, en wat ik had kunnen nemen was zó weinig. Ik werd geheel in de war wakker. Mijn eerste gedachte was, waarom een vrouw als lekenhelpster ? Bovendien zij zag er nog al mannelijk uit. Was zij wellicht een lesbienne ? Wat betekent dit allemaal ? »
3. Jezus: « Velen van de door Mij gekozen zonen hebben hun priesterschap al verlaten, en DE TIJD IS NABIJ, WANNEER ER GEEN HEILIGE MISSEN MEER ZULLEN ZIJN. »
Ikzelf: « Maar Lieve Heer, alle kerken hier in de Filippijnen zitten vol, alle mensen gaan hier naar de Mis. Ik kan mij dat nog helemaal niet voorstellen, Lieve Heer. »
Jezus: « DE PRIESTERS ZULLEN BINNENKORT UIT UW MIDDEN VERTREKKEN, en velen van u zullen zonder herder zijn. »
Ikzelf: « Oh, Lieve Heer, laat dat ons toch niet hoeven te overkomen. Wij hebben uw steun zo hard nodg in deze donkere tijden. »
Jezus: « Lief kind, DE MEESTEN VAN HEN, DIE DE MIS BIJWONEN DOEN DIT VOOR DE SHOW. De meesten van hen zullen de Mis in het geheel NIET missen als de REVOLUTIE IN DE KERK zich voordoet. Velen komen alleen maar uit GEWOONTE, om een ritueel te volgen waaraan zij gewoon zijn geworden. Er zijn maar zo weinigen, ach, ja, zo weinig mensen (een pauze - hier voelde ik hoe droevig Jezus wel was), die zich er echt druk over maken om berouw te hebben over hun zonden - want waar zijn de rijen gelovigen voor de biechtstoelen gebleven ? Kijkt naar de velen, ziet het zelf, vrijwel de gehele meerderheid ontvangt Mij meestal in een staat van zware zonde. Zeer weingen maar wassen de vlekken op hun ziel weg in de biecht. Zij zien de werkelijke toestand van hun ziel NIET in. Weldra zal het de tijd zijn om hen dat te laten zien, want zij weten NIET welk een pijn zij Mij bezorgen. »