Gij leeft niet in normale tijden

Datum: 
Maa, 2010-01-18
Profeet: 
Marie Philippines

Gij leeft niet in normale tijden
Marie, Filippijnen, 18 januari 2010

1. MAR10011805 - Jezus: « [Over de aardbeving te HAÏTI:] Iedereen bidt, dat de hulpverlening resultaat mag hebben. Dat de gezinnen en de families de nodige hulp zullen krijgen. Dat het lijden een einde zal nemen, en dat hun levens weer terug zullen keren naar NORMAAL. GIJ, BESTE KINDEREN, LEEFT NIET IN NORMALE TIJDEN. In dit geval ziet gij talrijke landen en naties helpen bij de redding, en het verstrekken van hulpgoederen. Toch zal er een tijd komen, waarin elk land de handen vol zal hebben aan het opkrabbelen uit de eigen rampen, zowel veroorzaakt door de natuur als door de handen van de mens zelf. ALS dat geschiedt, zullen zelfs de allerrijkste landen arm lijken. Hulpbronnen en hulpgoederen zullen dan SCHAARS zijn. In die dagen moeten liefde en medelijden en begrip heersen. Deze tijden worden u geschonken NIET SLECHTS OM U TE ZUIVEREN, MAAR OOK OM U TERUG TE DOEN KEREN NAAR UW GOD. »

2. « God zal deze wereld doen ophouden, Hij zal uw gang op de verkeerde wegen stoppen, ten einde u 180 graden te doen draaien naar de juiste marsrichting. Daarom, voor al Mijn kinderen geldt: Gaat voort met bidden. Bidt niet voor de redding op zich, maar bidt voor de redding van de zielen. De aarde zal immers MET DE GROND GELIJK WORDEN GEMAAKT, tot en met de huidige funderingen, want die funderingen zijn NIET OP STEVIGE ONDERGROND gebouwd. Herinnert u de parabel van de wijnzakken. Men kan geen nieuwe wijn in oude zakken doen. Men moet dan nieuwe wijnzakken nemen. »

3. « Ditzelfde geldt ook voor de wereld: Het herboren worden in de Geest, de transformatie (omvorming) van de wereld [tot de Nieuwe Aarde] zal geschieden op een NIEUWE ONDERGROND. De wereld als geheel, de politiek, de economie, dat alles moet worden dooreen geschud en WEGGEPOETST ten einde Mijn volk wakker te schudden, en te laten opstaan uit haar sluimer. Het weer en het klimaat, de daden van de mensen, de komende gebeurtenissen, dat ALLES ZAL VERANDEREN, en wel in steeds sterkere mate, voordat het te laat is. De zielen van de mensen zijn aan het sterven, en dit bedroeft Mij zeer. De zielen van de mensen leven in duisternis, en zij kunnen Mijn licht niet zien. Zij zijn er zo aan gewend in duisternis te leven. »

4. « Juist zoals houten balken VAN BINNEN UIT geheel kunnen zijn opgegeten door de termieten, en hol zijn geworden, maar er van buiten nog stevig uitzien, zo is ook UW WERELD AL VAN BINNEN UIT TOTAAL ROT geworden, en elke soort ramp, een aardbeving, een brand, of neer geworpen bommen, kunnen de hol geworden structuur doen omvallen en verwoesten. Getrouwe kinderen, helaas zijn er ook voor u heel wat pijnen te ervaren bij dit veranderen van de wereld. »

5. « Echter, dit is OOK de tijd waarin gij het gemakkelijkst toegang krijgt tot Mijn genade en Mijn barmhartigheid. Ik zal u NIET in het duister laten. Dit zijn dan ook de dagen waarop gij kracht moet putten uit Mijn Kostbaar Bloed en Mijn Allerheiligste Hart. Ofschoon de beving in HAÏTI verwoestend was, betekent deze SLECHTS EEN VOORPROEFJE van wat er nog gaat komen. Er zullen NOG VEEL ERGERE DINGEN GESCHIEDEN. Wendt u tot Mij, zodat Ik u kan beschermen. »

6. Jezus: « Hoe velen verstaan heden nog wat gehoorzaamheid is ? Hoe veel mensen zijn er heden nog gehoorzaam aan hun geloof, aan de regels van de Kerk ? Vandaag-de-dag zijn er velen, die ZEGGEN, dat zij van Mij zijn, maar zij zijn als hol geworden hout. Van binnen, in hun zielen, zijn zij VERMOLMD geworden DOOR DE ZONDE, de termieten hebben hun basis al vrijwel verwoest. Velen komen dan op zondag naar de kerk om Mij te zien, maar hun leven verandert er maar weinig door, zij dragen in hun binnenste bijna niets van Mij mee. HET IS ALLEMAAL SHOW GEWORDEN. »

7. « Verbeeldt u zo’n persoon, die gaat sterven. Ik kan nog altijd naar die ziel toegaan en ze barmhartigheid aanbieden. Ongeacht hoeveel die ziel heeft gemoord, verkracht, anderen heeft gekweld en misbruikt, Ik kan die ziel nog steeds redding aanbieden - HET ENIGE WAT DIE ZIEL MOET DOEN IS BEROUW HEBBEN. Niemand behoeft zelfs te weten, dat zo’n ziel zich tot Mij heeft gewend - het is een zaak tussen Mij en alleen die ziel. »

8. « En denkt gij nu maar niet: Oh, hemel, die man verdient de dood, hij heeft zo veel anderen vermoord, of iets dergelijks. Ik ben immers de Goddelijke Liefde, en Ik kwam voor de zondaars. Ik kwam om zelfs de meest afschuwelijke ziel te redden. ZEKER, DE PRIJS VOOR DE ZONDEN MOET BETAALD WORDEN [door het lijden in het vagevuur], dat maakt deel uit van de Goddelijke Gerechtigheid, maar Ik bemin de zielen zonder maat. Ik beminde u het eerst, en Ik sta gereed, zelfs op het allerlaatste moment bij het sterven, Ik blijf wachten op de ziel om naar Mij terug te keren. »