DE ONDERSTAANDE HEMELSE BOODSCHAPPEN ZIJN ZO VEEL MOGELIJK IN TIJDSVOLGORDE GERANGSCHIKT
De Heer:
� Men hecht geen belang meer aan de Heilige Eucharistie, die tal van christenen op onwaardige wijze en met een algehele onverschilligheid ontvangen. Ik herhaal het voor u. �
� De helse ritus van het ontvangen van de Heilige Communie op de hand is bovendien het vertrekpunt van de ergste afschuwelijkheden. �
� Indien gij wist, wat men met Mij doet ! �
� Gelooft gij Mij, wanneer Ik u zeg, dat Mijn Lichaam en Mijn Bloed, vergoten voor de redding van de wereld, op de grond geworpen worden in de geheime plaatsen en elders. �
� De 'duivels' [bedoeld worden mensen, die sterk onder duivelse invloed staan] treden binnen in de kerken, bieden zich aan voor de priester, en voor hen, die het niet zijn, de leken, die de Communie uitreiken, en zij dragen Mij weg in hun misdadige handen om Mij allerlei folteringen te doen ondergaan. �
* � O, Heer, dat is niet mogelijk ! �
� Het is zoals Ik u zeg. Er zijn nog andere, verschrikkelijker zaken, de monsterachtige zittingen van geheime verenigingen, waaraan zekere van Mijn Bedienaars van alle rangen deelnemen. ... en om deze afschuwelijkheden te begaan, bestaan er geen moeilijkheden om zich de Heilige Speciën te verschaffen. [Bedoeld wordt, dat diakens, priesters, bisschoppen en kardinalen lid zijn van geheime verenigingen, en deelnemen aan de bijeenkomsten daarvan, waar allerlei goddeloze en duivelse rituelen zich afspelen, zoals de zwarte mis, waarbij men geconsacreerde Hosties gebruikt.] �
� Het is daarom, dat Mijn gramschap zal weerklinken over de aarde. Ik wil dat gij [dat is de zienster] laat weten, dat Mijn priesters, die zich van hun priesterlijke zending zullen ontlasten, door de uitreiking van dit Sacrament op niet-gewijden te schuiven, in de afgrond zullen worden gestort �
Een zienster uit het Brusselse, 5 september 1974
De Allerheiligste Maagd:
� Het bidden van de Rozenkrans (Paternoster, Rozenhoedje), iedere dag, is de beste bescherming om u te vrijwaren voor al wat u tot zonde leidt. Het is de vesting, waartegen de machten der duisternis te pletter [zullen] lopen. �
Een zienster uit het Brusselse, 16 october 1974
De Heer veroordeelt de 'gerenoveerde' kerken:
� De 'gerenoveerde' kerken, tempels van Satan, herinneren aan de helse vergaderzalen van de geheime verenigingen [zoals van de kerkelijke vrijmetselarij], waar de ingewijden de ergste afschuwelijkheden bijwonen, die daar worden begaan op de stenen tafels. �
� Wee u, slangen, addergebroed, wat hebt gij met Mij gedaan, met Mijn Huis. Ge weet niet wat u te wachten staat. Ge zult in het diepst van de afgrond worden geworpen, waar ge de ergste pijnen zult ondergaan, die zonder einde zullen zijn. �
Een zienster uit het Brusselse, 12 november 1974
De Heer:
� Men kan de kerken tellen, waar de Heilige Mysteries nog worden gevierd, zoals Ik het wil. �
Een zienster uit het Brusselse, 16 maart 1975
De Heer, terwijl de zienster met droefheid het verlaten hoofdaltaar, een prachtig kunstwerk, van een kathedraal aanschouwde:
� Die tafels boezemen Mij afschuw in. Dat wat Ik beslist wil is: De Heilige Mis aan het offeraltaar. �
Een zienster uit het Brusselse, 21 maart 1975
De Heer:
� Het huis van God is een plaats van gebed en ingetogenheid, waar men intreedt met eerbied en vroomheid, Ik herhaal het u. �
� Het mag alleen dienen voor de viering van de Heilige Mysterieën, zoals Ik het wil, en om de zielen te onderwijzen en te heiligen door de kennis van Mijn woorden en van de ware leer van Mijn Kerk, [want] door Mij, Jezus, gesticht. ... �
� Mijn Heilige Leer gaat niet samen met een sociale en progressis-tische gezindheid, die aan de zelfzucht en de hoogmoed van de mens tegemoet komt, ten nadele van [het vervullen van] zijn christelijke plichten. [Mijn leer], ze is onveranderlijk, ze is van alle tijden en van alle eeuwigheid, voor de bekering van de zondaars door Mijn barmhartigheid, en door het Boetesacrament [de Biecht] en door de Heilige Eucharistie, die de zielen sterken in het geloof en de volharding in het naleven van Mijn geboden. �
Een zienster uit het Brusselse, 11 mei 1975
Onze Heer Jezus Christus:
� Ik wil geen vrouwen aan het altaar. Ik herhaal voor de laatste maal, dat de priester zijn priesterlijke zending niet mag overdragen aan om het even wie, leken, of vrouwelijke kloosterlingen, voor het toedienen van de Heilige Sacramenten. �
� Gedurende de Heilige Diensten moeten de lezingen van de Heilige Schrift door hem [bedoeld wordt de priester] worden gedaan. De dienaars zullen van het mannelijk geslacht zijn. �
� De gelovigen mogen niet communiceren onder twee gedaanten. Dit voorrecht is voorbehouden aan de priester op het ogenblik der Communie van Mijn Lichaam en Mijn Bloed. De gelovigen zullen de Heilige Hostie ontvangen, op de tong, uit de handen van de priester, met de grootste eerbied en welvoegelijk gekleed. �
� Ik wil, dat er een einde komt aan de heiligschennissen, die kracht van wet hebben in Mijn Kerk, welke niet meer die van Christus is. �
[Hieruit blijkt, dat Jezus het niet eens is met vele decreten en wetten, de liturgie betreffende, die door het kerkelijk gezag in Rome zijn afgekondigd. Degenen, van de hiërarchie, die er aan meedoen de oude gevestigde waarheden en waarden te doen verdwijnen, behoren in feite niet meer tot de Kerk van Christus.]
� De meerderheid van Mijn priesters volgt Mij niet meer. Ze hebben Mij verlaten voor de wereld en zijn vermaken. Ze hebben opgehouden Mijn discipelen, Mijn dienaars, te zijn. [Dit moet niet zo worden verstaan, dat de priesters hun wijdingsmacht zouden hebben verloren.] �
� Zij hebben het Heilig Sacrificie van de Mis veranderd ... Zij hebben Mijn leer en Mijn wetten neergehaald om te verdwalen in die van Satan, die hun meester is geworden, ... �
� Aan Mijn stedehouder, de Heilige Vader ... , wordt niet meer gehoorzaamd. ... Weet, dat Hij, die tegen Mijn stedehouder is, tegen Mij is. �
� Er is geen godsvrucht meer, noch geloof in Mijn tegenwoordigheid in de Heilige Eucharistie, zonder ophouden beledigd door die beulen, die, de ene na de andere, zijn afgedwaald naar het pad van het verderf, die de Heilige Sacramenten en de Heilige Plaatsen ontheiligen, welke voor om het even wat worden gebruikt. �
� De Heilige Katholieke Liturgie wordt gelijkgesteld met een dorpskermis met zijn lawaaiërig volksvermaak. Ze dansen en zingen op de weg van Calvarië, aan de voet van Mijn kruis, zoals de heidenen doen, aangemoedigd door de hoogwaardigheidsbekleders van Mijn Kerk, knechten van Lucifer, vervloekte zielen. Hun gezang en hun wilde muziek doorboren Mijn hart. �
[Men bedenke, dat de Heilige Mis de onbloedige tegenwoordigstelling is van het kruisoffer van Jezus. Vandaar de verwijzing naar Calvarië. Bedoeld wordt verder, dat er hoogwaardigheidsbekleders van de Kerk zijn, welke bewust en met opzet de liturgische veranderingen, welke Jezus sterk afkeurt, bevorderen.]
Een zienster uit het Brusselse, 22 juli 1975
Vraag:
� Wat denkt Onze Lieve Heer over de missen, die in woningen worden gevierd, in verschillende vertrekken van huizen en appartementen, en over het consacreren van gebakjes, stukjes brood, glazen met wijn, die zich vóór iedere persoon, die aan tafel zit, bevinden ? �
Antwoord van de Heer:
� Ik verwerp die afschuwelijkheden, tegenstrijdig met de liturgie van de Heilige Kerk, welke op hatelijke wijze de instelling van de Heilige Eucharistie ontheiligen. �
� Mijn tegenwoordigheid is afwezig in die duivelse praktijken, en door dergelijke daden, die om wraak roepen naar de hemel, hebben die ketterse priesters de macht verloren de Consecratie van Mijn Lichaam en Mijn Bloed te verrichten. �
[Dit betekent niet, dat de priesters hun wijdingsmacht, die een eeuwigdurend merkteken in de ziel drukt, zou zijn ontnomen. Maar, de Heilige Mis wordt slechts geldig opgedragen, als de priester de bedoeling heeft te doen wat de Kerk doet. De eeuwenoude traditie en het voorschrift zijn, dat de Heilige Mis gewoonlijk in de kerk wordt opgedragen onder gebruikmaking van de voorgeschreven voorwerpen en de vastgestelde liturgische boeken, waarbij de priester de voorgeschreven riten moet volgen. Slechts als dat allemaal gebeurt, heeft de priester de bedoeling te doen, wat de Kerk wil dat er gedaan wordt, en zal de Heilige Mis geldig zijn. Bij anders dan volgens traditie en voorschriften, dus bij eigenzinnig, handelen is de bedoeling verkeerd gericht, en komt het Misoffer niet tot stand.]
� Huishoudelijke artikelen mogen niet worden gebruikt voor de Goddelijke Dienst. Alleen de ciborie en de kelk zijn voor altijd de gewijde vaten, die na de Consecratie het Lichaam en het Boed van Jezus-Christus hebben bevat, geweest �
� De grillige versiersels van de priestergewaden moeten verdwijnen. De priestergewaden moeten gelijkvormig zijn aan [die van] de traditie van de Heilige Katholieke Kerk. �
� De priester moet op het kazuifel het kruis dragen, symbool van Mijn passie [lijden], waarvan de viering van het Heilig Misoffer [de tegenwoordigstelling en] de voortdurende herinnering is. �
� De Mis mag alleen in buitengewone omstandigheden buiten de kerk worden gevierd. �
� De priester mag zijn ambt niet uitoefenen in wereldse kledij. De toog blijft het heilig kleed van de gewijde, dat hem van de gewone mens onderscheidt en zijn toebehoren aan God kenmerkt, tot in eeuwigheid. �
Een zienster uit het Brusselse, 14 october 1975
Onze Lieve Heer:
� Het merendeel van hen, die Mij in hun heiligschennende handen komen ontvangen, is in staat van doodzonde. Hun ziel is besmeurd en in hun hart is geen liefde voor Mij. Ze biechten niet meer en leven voor hun genoegens, [ze staan] buiten Mijn heilige leer en slaan Mijn wetten in de wind. �
Een zienster uit het Brusselse, 25 november 1975
De Heer:
� De nieuwe wijze, waarop de kinderen worden gedoopt, opgesteld door de hervormers, is tegenstrijdig aan de traditionele ritus van de Heilige Kerk. Bij het toedienen van het doopsel moeten de authentieke voorschriften, door de Heilige Geest geopenbaard, behouden blijven. Bij gebrek hieraan is het [doopsel] ongeldig. �
Een zienster uit het Brusselse, 22 februari 1976
Woorden van de Heer:
� Ik herhaal u, dat iedere priester, die geldig is gewijd, Jezus-Christus vertegenwoordigt op aarde gedurende de uitoefening van zijn priesterlijk ambt. Dat wil zeggen, op het ogenblik van de Heilige Misviering en bij de toediening van de Sacramenten. �
� Hij is de enige, die het voorrecht heeft gekregen het Lichaam van Christus aan te raken en het door middel van zijn gewijde handen op de tong van de gelovigen neer te leggen. �
� Hij blijft een man van God, ten dienste van de evenmens in het apostolaat, en geen mens, die de wereld toebehoort, waarvan hij zich onderscheidt door zijn kleding en zijn leefwijze. �
� Het gebed, de meditatie, de studie en de boete zullen zijn bijzonderste betrachtingen zijn. Zijn genoegens en ontspanningen zullen passen bij zijn staat. �
Een zienster uit het Brusselse, 22 maart 1976
Een priesterziel vanuit het vagevuur:
� Eens heb ik Jezus gediend aan de voet van het Altaar. Nu is mij door Hem de genade verleend om met jou te spreken. Er gebeuren zoveel dingen in Zijn Kerk, die het Heilig Hart zeer beledigen. Ik was een vurig ondersteuner van de [praktijk van de] handcommunie, maar nu zou ik van de daken willen schreeuwen, dat het een werkelijke heiligschennis is. Ontvang uw Verlosser niet op de hand ! Alle leken roep ik het toe: Handen af van Hem ! Hij is de ware en almachtige God ! Gij zijt niet waardig Hem aan te raken ! �
� Ik kan jullie zeggen, dat het een verschrikkelijke straf is, die men moet lijden [in het vagevuur], als men als priester iemand het Lichaam van Christus op de hand legt. En, gij mensen, die de handen ophouden om Jezus te ontvangen, gij moet eveneens lijden. Er zijn vele zielen hier in het vagevuur, die lijden, omdat deze zielen de handcommunie hebben ontvangen. En zij, die vanwege menselijke angst en vrees [uit menselijk opzicht] niet terugkeerden naar de tongcommunie, lijden in het bijzonder. �
Boodschap aan een begenadigde ziel
Onze Lieve Heer:
� Onze Lieve Heer is zeer ontevreden over de communie, die staande en op de hand wordt uitgereikt. Het is beslist nodig het gevoel en het begrip voor God en al het gewijde terug te vinden. �
Domanski, Olawa, Polen, 1984
Zedigheid in kleding op gewijde plaatsen, zoals verschijningsoorden en bedevaartplaatsen. Onze Lieve Vrouw zegt:
� ..., gij moet er op staan, dat de mensen, die naar de geheiligde plaatsen komen, dit doen in fatsoenlijke kleding. Waarschuw hen, Mijn kind, dat geen enkele vrouw zonder hoofdbedekking tot de gewijde plaatsen kan worden toegelaten. Geen doorkijkbloezen, noch doorkijkkleding, geen korte rokken, geen strakke lange broeken, geen korte mouwen, niets van dat alles. Geen enkele man mag een korte broek of strakke kleding dragen, mijn kind en kinderkens, daar dit soort kleding tot zonde leidt. ... Deze plaatsen zijn gewijd en heilig, en schending daarvan mag niet worden toegestaan. �
Little Pebble (Kleine Kei), Nowra, Australië, 4 september 1984
[Nowra in New South Wales, 200 km ten Zuiden van Sydney gelegen, heeft zich sedert 1982 ontwikkeld tot een grote bedevaartsplaats van Onze Lieve Vrouw. Bekeringen, wonderen en genezingen komen herhaaldelijk voor. Nowra is op weg het Lourdes van Australië te worden.]
Opmerking: Dezelfde regels gelden vanzelfsprekend ook voor elke kerk, die immers het huis van God is.
Onze Lieve Vrouw:
� Leest de Openbaring van Sint Jan, Mijn kind. In de brieven van Mijn Zoon aan de zeven kerken worden de kerken telkens weer opgeroepen om boete te doen. Gij modernen hebt geprobeerd de naam van het Sacrament van de Boete (de Biecht) te veranderen in het Sacrament van de Verzoening. Zo'n Sacrament van de Verzoenig bestaat niet ! Het Sacrament is dat van de Boete ! ... want er is geen verzoening met God zonder het lijden gepaard gaande met de spijt over de zonde, en dat in het Boetesacrament (de Biecht). ... �
� Indien de Hemelse Vader door een zonde beledigd is, moet Hem een rechtvaardige voldoening gebracht worden. Het is daarom, dat Mijn Zoon de eerste keer naar de aarde werd gezonden. Hij kwam de zondaars oproepen om berouw te hebben en boete te doen. �
Ann Bennett, U.S.A., november 1985
Onze Heilige Moeder:
� Weet wel, indien als gevolg van de veranderingen, welke dan ook, in gang gezet door en na het [Tweede Vaticaans] Concilie, de kudde vestrooid is geworden, en de schapen (de gelovigen) zich van de weg van het kruis hebben verwijderd, deze veranderingen niet van de H. Geest waren en niet van de Heilige Geest zijn. Elke verandering, die verwarring met zich brengt, komt niet voort van de Heilige Geest. �
� Wanneer gij raakt aan de Heilige Schrift, raakt gij aan het woord Gods. Wat onderwijst de Heilige Schrift over de taak en de rol van de vrouw in de Kerk ? Voor de rol van de vrouw hebt gij geen andere verduidelijkingen, noch nauwkeuriger verklaringen nodig. Zij moeten volgzaam zijn, en vol overgave, en gehoorzaam aan hun meerderen. �
� Ik zal u raad geven, Mijn arme zonen, die bisschop zijt, en die zo'n programma van 'vernieuwing' steunt... stop daar mede ! De Eeuwige Vader vraagt u om uw EIGEN heilige geloften te vernieuwen, niet DIE van Zijn Kerk ! Ik zeg dus: Herstelt alles ! Herstellen betekent: Terugkeren naar de heerlijkheid van destijds. Brengt uw bisdom terug in de glorie van vroeger. �
� Maakt van uw parochies weer huizen van gebed. Herstelt de ingetogen houding in de Huizen van Mijn Zoon (de kerken). Een kniebuiging bij het binnenkomen in het Huis van God om Hem te aanbidden. Het hoofd buigen is een teken van bewilliging. Neerknielen is aanbidden met nederigheid. �
� Onderwijst de onwetenden over hun twijfels betreffende het Concilie. Keert terug naar een leven van gebed. Trekt u terug uit het directe politieke strijdperk. Protesteert tegen het sociale onrecht gezeten op uw knieën. �
� Bidt voor de homosexuelen, maar verjaagt ze van de seminaries, uit de kerken en van de scholen van Mijn Zoon. Hijzelf kastijdt hen in hun lichamen. De Eeuwige Vader heeft onlangs op uw aarde een ziekte laten uitbreken, die niet genezen kan worden. [Bedoeld wordt de ziekte AIDS. Lees ook de brief van Sint Paulus aan de Romeinen en wel hoofdstuk 1, vers 24-27. Ook Eph.5,5.] �
� Zet de tabernakels weer op hun plaats. Zet de communiebank weer terug, zodat degenen, die het kruis beminnen, en die door Mij bemind worden, uit eerbied voor de Heilige Gaven zullen kunnen neerknielen. De handcommunie is een belediging voor Mijn Zoon. Neemt stelling tegen dit afschuwelijke gebruik, dat de veroordeling over u afroept. Onderwijst de eerste communiekantjes in alle waarheid. �
� Verbiedt kermisspelen in de kerk, die daardoor een speelzaal voor het volk is geworden. Gij geeft de wereld zo wel een heel vreemd voorbeeld. �
Ann Bennett, U.S.A., 6 october 1985
De Moeder Gods:
� Ga vaak naar de kerken. De kerk behoort niet gesloten te zijn. Het is immers het Huis van God. Onze Heer Jezus wacht daar op uw gebeden. Denk er aan, om Gregoriaanse missen te laten lezen voor de doden, want deze zijn een grote hulp om hen te verlossen [uit het vagevuur]. �
[Hiermede wordt de z.g. Gregoriaans Dertigste bedoeld, een reeks Heilige Missen op dertig achtereenvolgende dagen zonder onderbreking gecelebreerd voor een overledene.
Domanski, Olawa, Polen, 15 augustus 1986
Onze Lieve Heer:
� God straft degenen, die om crematie (lijkverbranding) vragen, want deze daad is een grove belediging van het schepsel ten opzichte van zijn Schepper, nl. door met opzet het meesterstuk van de schepping te vernietigen. De mens begaat een ernstig onrecht door zo over zijn lichaam, dat de tempel van de Heilige Geest is tot in het graf toe, te beschikken, en God wordt nimmer onrecht aangedaan zonder bestraffing. "
S�ur Beghe (Zuster Begga), Brussel, 7 november 1987
SL. in het Vagevuur:
� Ik ben zeer ongelukkig, omdat ik die daad, die onrechtmatig en afschuwelijk is in al zijn hooghartigheid tegenover God, heb begaan: ik heb mij laten cremeren, en ik kon mij de ernst van dat besluit niet indenken. Ik meende, dat de kerkhoven hun tijd gehad hadden, en dat men met zijn tijd moest meegaan. �
� Ik dacht niet aan de schoonheid van de schepping, noch aan de wonderbaarlijke wijsheid van de Schepper, die aan de natuur de rol heeft gegeven zich [telkens] te vernieuwen waarbij niets van de stof en de eigenheid verloren gaat. Het vuur is een aanranding van de natuur, en God heeft het vuur niet geschapen, om een element van vernietiging te zijn. ... �
S�ur Beghe (Zuster Begga), Brussel, 2 december 1987
Jezus geeft onderricht:
� ... Met dit woord oecumene brengen mijn [priester]zonen zeer veel schade toe aan Mijn kinderen omdat zij daardoor de waarheid verwarren met dwaling en leugens. Ik wil dat gij begrijpt wat oecumene is. ... Mijn zonen, de priesters, hebben dit alles verward. Vandaag preken Mijn zonen de eenheid van de kerken, zeggende dat zij allemaal gelijk zijn, dat zij alle redding brengen, doch dit is niet waar. ... want de ware Christus, de ware leer, de ware Kerk, kan niet dezelfde zijn als een kerk door mensen gesticht met valse goden. ... Want als Mohammed redding brengt, als Luther redding brengt, als de Joodse God redding brengt, waarom ben Ik dan zoveel komen lijden aan het kruis ? ... �
[De Joodse God is de ene, ware, God uit het Oude Testament, waarvan het drieëne karakter met Vader, Zoon en Heilige Geest, niet in het Oude Testament voorkomt en dan ook niet door de Joden wordt aanvaard. Echter, God de Zoon is mens geworden in de persoon van Jezus, die de Christus is, en die, na aan het kruis voor ons allen te zijn gestorven, is verrezen uit de doden en ten hemel is gevaren. Al dit laatste wordt door de Joden al evenmin aanvaard.
� Begrijp het goed, want noch Mohammed, noch Luther, zijn voor u gestorven, enkel Ik deed het, enkel Ik versloeg de duivel. De duivel wil dat Mijn kinderen dit vergeten. Hij geeft Mijn zonen, de pries- ters, het idee dat al de kerken één zouden zijn. ... Zij vernielen hun geloof, omdat zij de tarwe met onkruid mengen, omdat zij de waarheid met valsheid vermengen, en dat kan niet, kinderkens. De waarheid is de waarheid. Ik ben de waarheid, en niemand kan zich met Mij vergelijken, niemand. ... �
� De priesters verblinden Mijn kinderen en preken godsdienstvrijheid, vrijheid in alles. Maar als Mijn kinderen vragen om geknield te communiceren, dan willen zij er niet op in gaan. Waar is dan de godsdienstvrijheid die zij preken ? Dat wil zeggen, dat er veel kwaad in hun hart heerst, want zij willen Mij niet de verschuldigde verering geven, die Mijn kinderen Mij wel willen geven. ... �
� Als de tijd van gerechtigheid, de tijd van het oordeel, komt, zal iedereen geoordeeld worden naar zijn werken. Zij, die Mij niet de verschuldigde verering hebben gegeven, zullen worden gestraft, want zij wilden Mij niet dienen. Zij dienden de duivel en de Antichrist. �
Zuster Guadeloupe, Guatamala, 9 januari 1989
Onze Lieve Vrouw:
� Er is veel kwaad in het Huis van Mijn Zoon op aarde [dat is de Rooms-Katholieke Kerk], en dit kwaad moet verwijderd worden, eerst en vooral door het gebed. Bid tot Sint Michiel, dat hij terug moge worden gebracht in het hart van de Kerk om haar te verdedigen. [Dit slaat op het bekende gebed tot Sint Michiel, dat eertijds na alle stille H. Missen werd gebeden. Dit gebed staat als het klein exorcisme (duiveluitdrijving) bekend.] Ook de traditionele gebruiken moeten terug komen, lieve kinderen, want zonder die zal de Kerk ineenstorten. �
Little Pebble (Kleine Kei), Nowra, Australië, 4 februari 1989
Onze Lieve Heer:
� Aan Mijn Huis op aarde [De Rooms-Katholieke Kerk], ... gij, Mijn uitverkorenen [de priesters], ... gij zult worden gegeseld en gereinigd, omdat gij hebt gewenst Mij buiten te smijten, en Mijn Allerheiligste Moeder te miskennen en te verwijderen. Maar, wee u ! Keer terug, beminde kinderen, naar de tweeduizendjaar oude tradities die u vanaf de Apostelen zijn doorgegeven door de heilige Pausen. �
Little Pebble (Kleine Kei), Nowra, Australië, 4 februari 1989
De Heilige Maagd Maria:
� Ik ben over de gehele wereld gegaan en Ik heb niets anders dan verwoestingen en verderf gezien. Ik heb kerken bezocht, huizen, waar Mijn Goddelijke Zoon niet meer verblijft..... Mijn wensen, die de wensen van de Eeuwige Vader zijn, zijn om de kerken van Mijn Goddelijke Zoon Jezus Christus te herstellen. Jullie godslasteren Zijn Lichaam, Zijn Kostbaar Bloed. �
� Breng alle heilige vaten terug, de communiebanken, de kruisbeelden, alles, Mijn kinderen, voor het Heilig Offer van de Heilige Mis. Jullie zijn goddelozen, jullie zijn despoten. Ik zeg jullie: breng de Kerk terug in die staat, zoals zij behoort te zijn, zo niet, dan zal Mijn zoon jullie verjagen. �
Thérèse Mallette (Fleur de Printemps, Lentebloem), Canada, 24 januari 1990
Onze Gezegende Moeder, gekleed als Onze Lieve Vrouw van Smarten:
� Bedenk, Mijn kinderen, dat gij eerbied moet hebben voor het Heilig Offer van de Mis, maak er geen theater van. Ik wens geen dansen in de kerken. Deze heiligdommen dienen als [aan God] gewijd te worden beschouwd. Deze zogenaamde [vrije] 'expressies' zijn volledig ontbloot van enige zegen en behoren in het geheel niet in de kerk. Ik kan dit niet genoeg benadrukken. �
� Wanneer zullen jullie toch luisteren en ophouden met al die onzinnige moderniseringen, die noch de Hemel, noch jullie Goddelijke Redder behagen. �
Joseph Keiler, U.S.A., 14 maart 1990
Onze Gezegende Moeder, gekleed als Onze Lieve Vrouw van Smarten:
� Ik wens eveneens, dat Mijn kinderen zullen beginnen een grotere eerbied te tonen voor het Heilige Offer van de Mis en bij het ontvangen van de Communie. Mijn Goddelijke Zoon wordt voortdurend gelas-terd door degenen, die niet weten hoe snel zij de kerk moeten verlaten na Hem ontvangen te hebben. �
Joseph Keiler, U.S.A., 30 maart 1990
Onze Heilige Moeder:
� Zo vele, eens toegewijde, kinderen zijn nu erg lauw door alle modernismen die de liturgie zijn binnengeslopen. �
� Ik wens dat Mijn kinderen meer verering zouden hebben voor het Allerheiligst Sacrament, en dat zij Mijn Goddelijke Zoon veelvuldiger zouden ontvangen. Is het teveel gevraagd om slechts één kwartier per dag in aanbidding te blijven na de Heilige Mis ? Willen jullie dit niet aan Mijn Goddelijke Zoon geven ? �
Franz Joseph Keiler, U. S. A., 30 april 1990
Onze Lieve Vrouw:
� Het staat geschreven in de Heilige Schrift, dat alle vrouwen in de tegenwoordigheid van God het hoofd bedekt moeten houden. ... maar als Mijn (vrouwelijke) kinderen het gehele plan van God begrepen hebben, zullen zij ook begrijpen, waarom het vereist is een hoofdbedekking en behoorlijke en vrouwelijke kleding te dragen. �
[De hemel heeft vooral bezwaar tegen het dragen van mannenkledij door vrouwen. Daaronder wordt de lange broek verstaan. Men heeft ook bezwaar tegen alle onzedige, te strakke en te uitdagende kleding van vrouwen.]
Little Pebble (Kleine Kei), Nowra, Australië, 5 mei 1990
Onze Lieve Heer:
� Geliefde kinderen, Ik, Jezus Christus, jullie Heer, schenk jullie een Gift van Barmhartigheid door dit kind. [Jezus bedoelt, dat Hij, door de zienster, die de profetie ontvangt, aan ons nogmaals Zijn wens om barmhartig te zijn, wil duidelijk maken.] ... naar de ganse mensheid zendt Christus Zijn gaven, en het is jullie zaak deze te aanvaarden. Smeek deze genaden af, jullie, priester-zonen, en jullie allemaal kardinalen, aartsbisschoppen en bisschoppen, ook mijn plaatsvervanger in Rome. Hij is de door Mij gegeven leider, en hij is jullie leider, die door Mij is aangesteld om Mijn kudde op aarde te voeren - en Mijn kudde moet terugkeren naar wat zij eens was. �
� Ik, Christus, de Heer, beveel, dat de homilie [de preek] in de volkstaal mag worden gesproken, maar de Mis moet worden gezegd in het Latijn !! - zoals Ik het heb ingesteld, kinderkens. God verandert de wetten niet - jullie, die Mijn Kerk leidt, verandert ze. �
[Dit moet niet zó worden verstaan, dat de lezingen uit de H. Schrift tijdens de H. Mis ook uitsluitend in het Latijn zouden moeten worden gesproken. Lezingen en homilie vormen immers een samenhangend geheel, en de volkstaal is daar aangewezen. Anderzijds is er volgens deze opdracht van Jezus niets op tegen, dat lezingen óók in het Latijn zouden worden gesproken of vooral gezongen.]
� Dus nu, vanaf Mijn Troon, Mijn Vader, Ikzelf, en Onze Geest, Wij zouden de wetten kunnen veranderen, als wij dat wensten, maar Wij veranderen die niet. En Wij willen, dat deze [wetten] worden teruggedraaid naar wat zij eerst waren. Herken de waarheid, lieve kinderen. En, jullie, priester-zonen: bidt toch eens wat meer voor de Heilige Vader, hij kent de waarheid. Hij is de geliefde zoon op Mijn troon, die Mijn kudde leidt. Vergeet dit niet, kinderkens. ... �
� Daarom spreek Ik nu tot Mijn geliefde Kerk: aanvaardt Mijn boodschappen, en die van Mijn Moeder. Als zij [dat zijn de priester-zonen, dus de bisschoppen en de priesters] de verwijzingen in de boodschappen naar de veranderingen in de Kerk aanvaarden, èn als zij hun harten wijzigen ten opzichte van Mijn uitverkoren kinderen, dan zal Ik niets meer van hen vragen. ... Aanvaardt Mij en Mijn Moeder, neem de hemelse boodschappen aan, en je zult er geen spijt van hebben. [Bedoeld wordt dat de bisschoppen en priesters niet meer afwijzend moeten staan ten opzichte van de tegenwoordige zieners, ziensters en spreekbuizen.] �
� Echter, beste kinderen, als jullie de boodschappen, welke Ik zend middels Mijn uitgekozen kinderen, niet aanneemt, straf je jezelf daardoor. De Kerk zal vervolging kennen. Vervolging, die veroorzaakt wordt door de zonde van de veranderingen. Zonden, waar-door Mijn Moeder en Ik veel tranen hebben vergoten. Elke verandering in Mijn Kerk doet Mij, Mijn Moeder en Onze Vader, veel pijn. � [Dit verwijst naar het verdriet van Jezus en Maria, en ook naar de talrijke gewone en bloedtranen wenende Mariabeelden.]
De Roos van Kroätië, Australië, 13 october 1993
Onze Lieve Heer:
� ... Verdedig de waarheid - de waarheid, die niet langer in Mijn Kerk te vinden is. De waarheid, die zij onder hun voeten hebben vertrappeld, Mijn Allerheiligst Lichaam. Ja, kinderen. �
� Kinderkens, ontvang Mij voortaan niet meer op de hand, zo vraag ik jullie dringend. Ontvang Mij op de tong, deze is meer geschikt voor het gewijde dan de hand. Lieve kinderen: niemand is waardig Mijn Lichaam aan te raken, behalve de gewijde priester. �
� Men heeft de waardigheid van het priesterschap terneer gehaald. Zij hebben het 'gegeven' aan vrouwen, aan leken, en zij zeggen, dat er geen priesters zijn. �
[Er bestaat verwarring omtrent het principiële verschil tussen het sacramentele priesterschap (alleen voor mannen) en het algemene priesterschap der gelovigen (mannen en vrouwen). Men poogt daarom het gewijde priesterschap uit te hollen door allerlei priesterlijke taken, zoals communie-uitreiken, over te hevelen naar leken, ook vrouwen. Het argument, dat er niet voldoende priesters zijn, wordt gebruikt om steeds meer leken priesterlijk werk te laten verrichten.
� Maar Ik vraag julie, kinderkens, waarom zijn er geen [niet voldoende] priesters ? Dat komt, lieve kinderen, omdat zij alle tradities van de Kerk overboord hebben geworpen. Tradities, welke gedurende twee duizend jaar aan de wereld werden doorgegeven. Zij hebben Mij aan het kruis geslagen, en ze gaan er mee door Mij dagelijks te kruisigen, dagelijks aan het kruis te spijkeren, maar niemand luistert [naar de vermaningen en aanwijzingen in de vele hemelse en profetische boodschappen.] Men luistert slechts naar de herders [de bisschoppen en priesters], die inderdaad herders zouden moeten zijn, maar het niet langer zijn. Zij [die 'herders'] doen hun eigen zin, is het niet zo, lieve kinderen ? �
� Als Ik als Koning, wat Ik waarlijk ben, in jullie huis zou binnen-gaan, zou je dan niet, en behoorde je dan niet, voor Mij te buigen, of te knielen ? Zou je Mij aanbidden, zou je knielen, kinderen, of zou je als een gelijke recht tegenover Mij blijven staan, zoals je dat doet tijdens de Communie ? Dat is niet passend, beste kinderen, dat hoort niet. �
The Little Grain (de Kleine Graankorrel), Queensland, Australië, 6 augustus 1994
Onze Lieve Vrouw:
� Jullie móéten je realiseren, wat er allemaal gebeurt in de Kerk van Mijn goddelijke Zoon hier op deze aarde. Zíén jullie dan niet, lieve kinderen, wat er gebeurt ? Ze dansen daar vóór Mijn Geliefde Zoon, [aanwezig in het tabernakel onder de gedaante van de Heilige Hostie, of aanwezig op het altaar nà de Consecratie], terwijl ze zouden moeten neerknielen in gebed ! Elkaar kussend en omhelsend vóór de Communie ! [Dit slaat op de buitengewoon afkeurenswaardige gewoonte elkaar de hand te geven of te omhelzen bij het zg. 'elkaar vrede toewensen', of 'elkaar de pax (vrede) geven'.]
Is dát passend en rechtvaardig ? Mijn Geliefde Zoon is daar tegenwoordig in het tabernakel [en op het altaar, vóór de Communie], en Hij zou moeten worden geëerd, want jullie moet naar de kerken gaan om tot Hem te bidden. �
Little Pebble (Kleine Kei), Nowra, Australië, 13 september 1994
EEN BISSCHOP SPREEKT
� Het ergst van al zijn de godslasteringen gericht tegen God's liefdevolle woorden, ... Daarom zijn uitwendige vormen van eerbied en respect noodzakelijk, omdat wij niet mogen vergeten tegenover wie wij staan. In de menselijke omgang kennen wij bepaalde beleefdheidsvormen, en ten opzichte van God zouden wij die achterwege willen laten ? �
� Daarom wil ik u nog eens waarschuwen tegen alle vormen van onfatsoen, tegen alle schanddaden, zoals bijvoorbeeld de hier in mijn bisdom verboden Communie op de hand, en ook het [blijven] staan gedurende de vele heilige handelingen van de Heilige Mis [in plaats van neer te knielen], omdat niemand nog weet wat gij hier tesamen op deze plaats viert. ... �
� Maar hier op deze plaats, beste eerwaarde vader en beminde gelovigen, broeders en zusters, is slechts de tongcommunie, die geknield moet worden ontvangen, toegestaan. Alles wat is ingevoerd en wat wordt verspreid door vreemdelingen is verboden. Ik zeg u dit als uw [eigen] bisschop ! �
Een bisschop tegen de pastoor en de gelovigen van een van zijn parochies